Goodrich, Hedi, 2019

De schoonheid van de chaos in ‘Verloren in Napels’



Het Napels in de jaren ’90 vormt het decor voor de debuutroman ‘Verloren in Napels’, van Heddi Goodrich. Vertaling Manon Smits, uitgave Wereldbibliotheek. Het boek is geïnspireerd op de tijd die ze daar zelf als uitwisselstudent verbleef. Er zijn twee hoofdpersonen: Heddi en Pietro. Heddi is Amerikaanse en studeert talen in Napels. Ze woont met andere studenten samen in een vervallen palazzo in de beruchte wijk Quartieri Spagnoli. Ze is direct overrompeld door de stad. Heddi’s liefdesleven mag geen naam hebben: ‘tot dan toe had het bestaan uit een hele reeks melodrama’s en misverstanden.’Maar als ze de geologiestudent Pietro leert kennen - hij geeft haar een cassettebandje met een liefdeslied, aan haar opgedragen - voelt ze de vonk overspringen. Een vonk die later als ze een relatie met hem krijgt een vurige brand wordt. Ze komen uit totaal verschillende milieus, zij uit een welgesteld  warm nest, hij uit een boerenfamilie die het niet breed heeft. Zijn ouders zijn kille mensen, vooral zijn moeder die Heddi totaal negeert. In het palazzo vieren ze met een groep een uitbundig studentenleven. Ze drinken en roken veel en hebben onderling ingewikkelde verhoudingen. Ze proberen hun weg in het leven te vinden, maar dat blijkt geen sinecure. De hevige verliefdheid die Heddi en Pietro voor elkaar voelen is van meet af aan geen oppervlakkige. Jong als ze zijn passen ze goed bij elkaar en ze zijn zich er ook bewust van. Goodrich verwoordt hun liefdesscènes heel zuiver, ik citeer er één: ‘Alleen dit was van belang, alleen hij en ik, en we probeerden elkaar te verslinden, ons aan elkaar vast te grijpen, zelfs bij onze haren, […] en ik snapte dat het werkelijk mogelijk was om te sterven van genot. Heel triest is het dat Heddi niet geaccepteerd wordt door Pietro’s ouders, gelukkig wel door zijn broer. Maar ze laten zich daardoor niet ontmoedigen. Ze maken plannen om grote reizen te maken tot ze een plek vinden waar ze zich thuis voelen. Maar daar komt voorlopig niets van. Pietro moet zijn dienstplicht na zijn studie nog vervullen.  En hij kan zijn dorp en land met alle taken die daarbij horen, niet zomaar achter zich laten. Als Heddi en hij met kerst van elkaar gescheiden zijn omdat Pietro er niet onder uit kon bij zijn familie te zijn, heeft hij er later spijt van en zegt haar: ’Dat laten we niet meer gebeuren. Zeggen dat ik van je hou is een understatement. Jij bent pure zuurstof voor mij.’ Ruim over de helft van het boek komen er echter scheurtjes in hun relatie. Pietro weet zich niet los te maken van de boerenfamilie waaruit hij afkomstig is en van het land dat zijn ouders, met veel moeite, voor hem hebben gekocht. Heddi begrijpt het helemaal niet. Kiest hij nu niet meer voor haar en hun vrijheid? Goodrichs beschrijving van deze liefdesgeschiedenis is authentiek en krachtig van taal evenals de bonte schildering van haar geliefde Napels, de stad waar de schoonheid van de chaos overheerst met de onvoorspelbare Vesuvius op de achtergrond.
 
Ellen de Jong  2019