Gulliksen, Geir 2019

Een rijk gedetailleerd verslag van een relatie

De Noorse redacteur en auteur Geir Gulliksen (1963) debuteerde in 1986 met
een jeugdroman. ‘Het verhaal van een huwelijk’ is zijn eerste roman die
in vertaling verschijnt (Geri de Boer), uitgave Ambo|Anthos. Hoe kon
het dat zijn vrouw verliefd werd op een ander na twintig jaar zeer
gelukkig getrouwd te zijn? Echtgenoot Jon doet -in een poging dat te
begrijpen - verslag van de desastreuze teloorgang van hun huwelijk. Hij
blikt terug: in het begin van het boek is het huwelijk al voorbij:
‘Degene die ze was toen ze bij mij was, is er sowieso niet meer. Degene
die ik was toen ik bij haar was, is er ook niet meer.’ Jon tracht hun
huwelijksjaren vanuit haar gezichtspunt te vatten, maar kan dat wel, is
het überhaupt mogelijk een ander te kennen? En is het reëel om te denken
dat één grote liefde er voor altijd is? Japie, Jons koosnaam voor haar,
is vijfentwintig jaar, hij een paar jaar ouder als ze elkaar leren
kennen. Ze trouwen en krijgen twee zoons. ‘We gingen op vakantie,
vierden verjaardagen en kerst, we gingen ’s avonds naast elkaar liggen
en hielpen elkaar er ‘s morgens uit om het leven tot iets meer te maken
dan alleen te overleven. We raakten elkaar licht of gulzig aan, […] we
hielden een onafgebroken flirt met elkaar in stand om ons leven zo
mogelijk te veraangenamen.’ Jopie is een fanatiek hardloopster: […]’ze
bouwde spieren en besluitvaardigheid op en het vermogen om alles te
overleven wat er zou kunnen komen. Want er kan altijd iets komen […].’
Jon
schrijft kinderboeken, zij is arts. Hij is altijd thuis, doet het
huishouden en verzorgt de kinderen. Hij is bezeten van haar en ze wordt
steeds belangrijker voor hem: ‘Ik leefde alsof mijn leven zich voor haar
ogen afspeelde. […] Alleen wij tweeën geloofden in ons tweeën.’ Jon wil
Japie niet bezitten, ze moet vrij zijn. Als ze ooit een minnaar wil
hebben is dat geen punt, maar ze moet wel alles aan hem vertellen. Ook
als ze de liefde bedrijven wil hij er het liefst bij zijn. Ze willen
elkaars vertrouwelingen zijn. Als Japie Harald leert kennen en over hem
vertelt lukt dat nog aardig. Jon zei dat ‘als ze eens behoefte kreeg aan
een ander, aan hem bijvoorbeeld, die impuls gewoon moest volgen […].’
En hij wilde dan weten wat het met haar deed. Maar naarmate ze vaker
wegblijft kan en wil ze er niet meer over praten en ook hij kan er niet
meer tegen. Hij is nu toch bang haar te verliezen. Ze komt steeds later
thuis: ‘Ze moet zich van mij bevrijden, en dat heeft ze al gedaan. In
haar innerlijk leven, dat het enige echte leven is geworden, ben ik al
omgekomen, ondergegaan, weg. […] Straks ben ik gewoon een man die ze
heeft gekend, een met wie ze nauw en intiem heeft samengeleefd, ooit, in
een eerder leven.’ Gulliksen schreef een rijk, gedetailleerd en intiem
verslag van een relatie. Bovendien liet hij zich uit over de aard van
menselijke relaties in het algemeen: waarom mensen ze aangaan en waarom
ze samen blijven of uit elkaar gaan. Dit alles gevat in een opmerkelijk
scherpzinnige taal.

Ellen de Jong  2019