Cusk, Rachel 2017

‘Contouren’ van Rachel Cusk: Knappe weergave van onthullende gesprekken



In ‘Contouren’ vande Canadese schrijfster Rachel Cusk (1967) , uitgave De Bezige Bij, vertaling Caroline Meijer en Lette Vos, geeft de ik-persoon in haar boek een schrijfcursus in Athene. Ze vliegt er vanuit Londen naartoe. In het vliegtuig knoopt de man die naast haar zit een gesprek met haar aan. Cusk noemt hem steevast haar buurman. Hij vertelt haar dat hij drie keer gescheiden is, twee zoons en een dochter heeft. Met zijn eerste vrouw had hij het goed, toch maakte één ruzie tussen hen hun huwelijk kapot. De vertelster, die schrijfster is, voert tijdens haar verblijf in bloedheet Athene - waar ze een paar dagen les geeft op een zomeracademie - gesprekken met diverse mensen. Haar buurman duikt in Cusks verhaal regelmatig op. Hij neemt haar een paar keer mee op een boottocht en probeert haar op een onbewaakt ogenblik te omhelzen. Zonder resultaat, ze duikt het water in. Behalve haar buurman spreekt ze onder meer Eleni, een vriendin van haar die zoals ze zegt: ‘behoorlijk ontgoocheld raakt over de aard van de man, […] mannen die haar de ene minuut nog de eeuwige liefde verklaarden, hadden haar een minuut later openlijk beledigd […] Waar ze absoluut niet tegen kon, zei ze, was valse schijn, en dan vooral geveinsde lust, als iemand deed alsof hij ernaar smachtte haar volledig te bezitten terwijl hij er alleen maar op uit was haar tijdelijk te gebruiken.’ Ook een schrijfster, een oude vriend en een paar cursisten laat ze aan het woord. Zelf reageert ze af en toe summier op dat wat ze te vertellen hebben. Hoewel ze zelf dus vaag blijft en Faye blijkt te heten (Cusk noemt haar naam terloops en pas ruim over de helft van het boek), wordt wel duidelijk dat ze gescheiden is, twee zoons heeft, waarvan er één met psychische problemen kampt. Wat de personen die ze spreekt gemeen hebben is dat ze het open en eerlijk hebben over hun gestrande relaties (ouder-kind, man-vrouw), hun onmacht en hun onvervulde verlangens. Er komen nogal wat vrouwen aan het woord, waaronder Anne die in een uitvoerig gesprek met een man over zijn leven tot een inzicht was gekomen: ‘terwijl hij aan het woord was zag ze zichzelf meer en meer als een uitgespaarde vorm, een contour: alle details om haar heen waren ingekleurd, maar zijzelf bleef blanco.’ Het knappe van Cusk is dat de vertelster door de onthullingen van de personen die ze spreekt en van wie ze de verhalen optekent in een heldere, rijpe stijl, zelf een gezicht krijgt: het gezicht van een door een moeilijk leven getekende vrouw, die kracht put uit het luisteren naar andermans verhalen.

Ellen de Jong  2017