Claes, Paul 2017

Nieuwe visie op romance tussen twee Franse dichters

Paul Claes (1943) is bekend als schrijver van historshe romans, al dan niet fictief, en hij is tevens kenner en vertaler van de poëzie van de Franse dichters Arthur Rimbaud en Paul Verlaine. In ‘De haas en de regenboog’, uitgave De Bezige Bij, geeft hij een nieuwe visie op de opzienbarende romance tussen deze twee dichters. De negenentwintig jarige Verlaine is tien jaar ouder dan Rimbaud. Nadat ze samen op de vlucht waren geslagen voor de opstand na de Commune van Parijs in 1871, besloten ze naar Londen te gaan. Paul verlaat zijn vrouw en zoon en Arthur zijn familie. In Londen zwerft Arthur in de nacht door de stad: ‘Zwart als zijn ziel was de nacht van Londen. […] Lucifer alleen kon hem in deze hel geleiden. De zwavelachtige glans van zijn licht wees de weg naar de telkens weer vluchtende vrijheid. Als de gevallen engel wilde hij niemand dienen.’ Arthur had altijd al avonturier willen worden: ‘alles was beter dan een gezeten bestaan.’ Hij noemt zich Rainbow (de regenboog is de zoon van de Zon). Arthur en Paul zijn beiden poëten, maar Paul putte alleen uit zijn eigen zielenleven en schuwde het avontuur, (hij is een bange haas), terwijl Arthur meende dat de inspiratie van elders moest komen. Een moderne dichter wilde hij zijn: hij moest ‘een visionair worden. […] Hij moest schrijven over wat nog nooit was behandeld in een vorm die nog moest worden uitgevonden.’ Arthur en Paul hebben een haat-liefde verhouding. Ze beleven heftige erotische scènes, ze schelden elkaar uit en ze slaan elkaar tot bloedens toe. Maar daarna omhelzen en kussen ze elkaar weer. Beiden drinken veel en mede onder invloed van geestverruimende middelen als opium, ziet Arthur niet alleen kleuren maar hoort ze ook opklinken. Arthur vertrekt uit Londen en gaat naar Parijs en zijn geboorteplaats Charleville en weer terug naar Londen. Op de vlucht voor Paul die voortdurend aarzelt tussen zijn liefde voor Arthur en zijn vrouw en zoon, die hij in Parijs achterliet. Na de zoveelste hevige ruzie vertrekt Paul. Hij schrijft aan Arthur: ‘Dat gewelddadige samenleven vol scènes zonder andere reden dan jouw grillen heeft me meer dan nog genoeg verneukt!’ En hij eindigt zijn brief met: ‘Mag ik je omhelzen voor ik me van kant maak? Je arme P. Verlaine.’Arthur wil dat hij terugkomt en schrijft: […] ‘kom terug, ik wil bij je zijn, ik hou van je.’ Later zien ze elkaar in een hotel in Brussel. Daar gaat het mis als Paul door het lint gaat. Het is het einde van een tumulteuze verhouding. Daarna krijgt Arthur een idee voor een verhaal over een hellevaart, het moest ‘Een seizoen in de hel’ heten. ‘Het was een andere naam voor zijn jeugd, die vandaag voorgoed achter zijn rug lag.’ Of het een succes werd? Maar een succes of niet: ‘Ooit zou hij het raadsel onthullen waarvan hij alleen de sleutel bezat: was de dichter niet de zoon van de Zon?’ Tijdens een wandeling in een regenstorm begreep hij opeens ‘hoe de metamorfosen van de natuur aan de oorsprong lagen van elke menselijk fantasie. […] Sidderend besefte hij dat hij het ultieme geheim van de poëzie had ontdekt. Dichten was niets anders dan anders zien.’ Hij vindt de titel van zijn bundel: ‘Illuminaties’ […]: gedichten als schichten, inzichten, vergezichten. Als bij toverslag hield de zondvloed op. Voor zijn oog waaierde een regenboog waarvan de kleuren tintelden in de zeven letters van zijn prismatische naam.’
Claes laat onderwerpen als homoseksualiteit, liefdesspel, passie en ontucht, in een licht gezwollen 19e eeuwse stijl met elan de revue passeren en hij geeft de lezer inzicht in de meningen over poëzie, van vooral Arthur Rimbaud, wiens dichtkunst, blijkt uit zijn interpretaties, hem zelf na aan het hart ligt.

Ellen de Jong  2017