Stegner, Wallace 2015

Wallace Stegners lofzang op een onvoorwaardelijke vriendschap tussen twee echtparen

Twee echtparen, Larry en Sally Morgan, Charity en Sid Lang, hebben een jarenlange, bijzondere vriendschap: een band voor het leven. Uitgeverij Lebowski Publishers brengt de Amerikaanse schrijver Wallace Stegner - ten onrechte in de vergetelheid geraakt- opnieuw tot leven in zijn boek ’Wat behouden blijft’, vertaling Edzard Krol, met een nawoord van Jane Smiley. Larry blikt als oudere man terug op die vriendschap, als ze na een lange tijd weer terug zijn in het zomerhuis van Charity en Sid in Vermont. Charity is ongeneeslijk ziek en zij heeft haar hele familie waartoe ze Larry en Sally ook rekende, uitgenodigd en om zich heen verzameld, vlak voor ze gaat sterven. Ze raakten met elkaar bevriend in Madison, Wisconsin, aan het eind van de jaren dertig van de vorige eeuw. Larry doceert daar aan de universiteit, evenals Sid. Echtpaar Lang is vermogend, echtpaar Morgan niet. De Langs zijn helemaal weg van de Morgans en nemen hen liefderijk onder hun hoede, ‘de Langs adopteerden ons in hun uitgebreide, rijke, machtige, en geruststellende clan.’ Sid en Larry mogen elkaar graag en Sally en Charity worden dikke vriendinnen en zijn tegelijkertijd zwanger. Mooier kan het niet. Met zijn vieren maken ze lange voettochten door de schitterende natuur in New England. Charity is een dominante vrouw die altijd de leiding wil hebben, vooral haar man Sid overvleugelt ze voortdurend en zet hem danig onder druk. Hij moet van haar een wetenschappelijke carrière maken, terwijl hij zelf het liefst gedichten schrijft. Op een gegeven moment besluiten ze gevieren een wandeltocht van een week te maken: ‘We zouden een honderdzestig kilometer lange route wandelen, over de meest afgelegen achterweggetjes die Sid op de kaart kan vinden. We zouden naast bergstroompjes slapen, of aan de oevers van kalme, diep in het bos gelegen meertjes, en als het weer tegenviel op de hooizolders van vriendelijke eigenaren. Het zou een laatste oprisping van vrijheid zijn voordat we ons moesten opsplitsen en ieder onze eigen gang zouden gaan […].’ Charity regelde alles en wilde over de kleinste dingen controle hebben. Dat doordrijven van haar zin leidde wel eens tot wrijvingen die weer snel werden gladgestreken. Prachtige passages volgen: er worden kampvuren gestookt, ze zwemmen in meertjes, verdwalen, maar vinden opnieuw de weg die door de mooiste en woeste natuurgebieden gaat. Tot Sally ziek wordt tijdens de tocht. Ze blijkt polio te hebben en zal altijd invalide blijven. Stegner: ‘in een enkele middag, in een paar uren of een paar minuten tijd, kan alles wat je van plan bent en alles waarvoor je je hebt ingezet om te worden wat je bent, worden weggevaagd, zoals een slak wordt weggevaagd als er zout op wordt gestrooid.’ De levens van het viertal splitsen zich, maar hun vriendschap, in lief en leed, is onverwoestbaar. Larry vraagt zich in zijn terugblik af wat er eigenlijk terecht is gekomen van hun idealen en wat ze in de wereld wilden bereiken. Ze discussiëren vooral over hun bijdrage aan de maatschappij en op welke wijze een respectabel leven te kunnen leiden. Stegners roman is vooral een lofzang op onvoorwaardelijke vriendschap, maar ook een bezinning en aanvaarding van het ouder worden met alle consequenties van dien. Scherp analyseert hij de verhoudingen tussen de echtparen, hun onderlinge relaties en hun uiteenlopende karakters. Met zoveel inzicht, begrip en observeringsvermogen is het een roman geworden die van een diepe levenswijsheid getuigt. Stegner schreef ‘m op 78-jarige leeftijd. Het was zijn laatste. Smiley licht in haar nawoord onder meer het ontstaan van zijn roman toe en citeert Stegner in zijn uitspraak: ‘Ik probeerde enkele vrienden van ons op papier te krijgen om ze te kunnen begrijpen. Het bleek een roman te zijn, omdat ik heel wat meer verzon dan ik van plan was. Ik wilde het rechtstreeks naar de werkelijkheid schrijven, maar tot zoiets ben ik niet in staat. Het leven is niet in goede handen bij mij; ik blijf dingen verzinnen…’ Die fantasierijke geest blijft in ‘Wat behouden blijft’ voortleven.

Ellen de Jong  2O15