Simons, Ida, 2015

‘In memoriam Mizzi’: Een onvergetelijke novelle van Ida Simons

‘In memoriam Mizzi’: Een onvergetelijke novelle van Ida Simons

Na de succesvolle herdruk van ‘Een dwaze maagd’ (1959) van Ida Simons is nu ook de novelle ‘In memoriam Mizzi’ herdrukt. Uitgave Cossee. Nawoord Eva Cossée: ‘De novelle heeft duidelijk een autobiografische achtergrond, want Ida Simons verbleef met haar man David en zoon Jan van september 1943 tot september 1944 in Westerbork. Het gezin Simons werd op 4 september 1944 naar Theresienstadt gedeporteerd. Op 5 februari 1945 hervonden zij hun vrijheid in Zwitserland door wat Ida Simons zelf ‘het grote wonder’ noemt’, aldus Cossée. En vervolgt ze: ‘In de eerste uitgave van ‘In memoriam Mizzi’ in 1956 schreef Ida Simons deze opdracht: Voor Jan, De dierbaarste zoon die een moeder zich wensen kon, werd ‘In memoriam Mizzi’  geschreven, omdat ik wilde dat hij niet vergeten zou dat de donkerste uren verlicht kunnen worden door een liefdevol hart.’ Jan vraagt aan zijn moeder als ze in de rij staan voor het dagelijkse rantsoen koolsoep, wat ze het allereerste gaan doen als ze weer thuis zijn. ‘We gaan een hond kopen,’ zei ik, om hem af te leiden. ‘Een grote hond?’ vroeg hij blij.’ De Joodse Herr Kepler vroeg: ‘Houdt dat kind van een Hund?’ En dan verschijnt Mizzi ten tonele. Een vuilnisbakkenhond met een zeldzame inborst. Als moeder en zoon Mizzi zien, ‘glimlacht’ ze tegen Jan. ‘Iemand die Mizzi niet heeft zien glimlachen, zal niet geloven, dat een hond daartoe in staat is, maar werkelijk – ze deed het en we waren beiden meteen betoverd’, schrijft Simons. De hond wordt gedoogd door de kampcommandant. Mizzi maakt gevangenen en zieken gelukkig. Maar toen ze lachte naar de dame die met een officier in Theresienstadt langskomt om de uitgebreide dierenverzameling van de commandant te bekijken, ging het fout. De commandant zegt namelijk tegen de mevrouw dat ze een hondje mag uitkiezen. ‘Leuk voor de kinderen.’ En wat deed Mizzi: ‘ze ging op haar achterpootjes staan en lachte tegen die mevrouw. Vanzelfsprekend keek dat mens daarna geen andere hond meer aan.’ Na deze gebeurtenis krijgt Mizzi’s leven een ander verloop. Mizzi voert de boventoon in deze verbijsterende novelle, waarin tevens de verschrikkingen van de kampen en het uitzichtloze leven van de bewoners wordt beschreven. ‘Wie het verhaal oplettend leest’, schrijft Cossée, ‘zal snel vaststellen, dat Ida Simons in deze novelle het allermoeilijkste lukt: de juist lichte toon voor haar lezers te vinden zonder de poorten van de hel te laten verdwijnen.’ Cossée geeft tot slot een aangrijpend verslag van de levensloop van het gezin Simons, met ter completering een aantal foto’s en navrante tekeningen en aquarellen van Leo Kok, die betrekkingen hebben op het kampleven. Zo wordt ‘In memoriam Mizzi’ onvergetelijk.


Ellen de Jong 2015