Japin, A.

Arthur Japins ‘De man van je leven’ liegt er niet om

Voor Tilly is Markus de man van haar leven. Ze is al twintig jaar gelukkig getrouwd met hem. Hij is ‘een verstrooide professor midden veertig, in al zijn warrigheid charmant, grappig, aanhankelijk, nog best aardig om te zien zelfs […]’. Zij: ‘een vrouw in wezen een stuk slimmer dan hij, knap ook en krachtiger, die het op een dag op zich heeft genomen hem in dit leven te beschermen […]’. Arthur Japin beschrijft in zijn recente roman ‘De man van je leven’, uitgave De Arbeiderspers, hoe het de twee op hun levenspad vergaat.  Tilly krijgt op een dag te horen dat ze terminale kanker heeft. Ze zal niet lang meer leven. Markus en zij besluiten die laatste tijd door te brengen in hun vaka0ntiehuis dat in de duinen vlakbij zee ligt. Daar Tilly  haar Markus innig liefheeft en hem na haar dood tegen eenzaamheid en verdriet wil beschermen gaat ze op zoek, via een datingsite, naar een vrouw die haar na haar dood wil vervangen, ‘ik zoek een vervangster voor mijzelf. Iemand die op mij lijkt. Iemand die bij hem past.’ En: ‘Die man zit in elke vezel van mijn lijf. Zolang ik me herinner wil ik niks liever dan hem gelukkig zien.’ Ze kiest Iris uit die naar hun vakantiehuis komt. Tilly zegt tegen Markus, die van niets weet, dat Iris een jeugdvriendin is van haar. Markus verstart als hij geconfronteerd wordt met haar. Ze hebben net een heftige liefdesaffaire achter de rug. Die hij beëindigde vanwege Tilly’s ziekte en naderende dood. In de discussie die volgt draaien ze voortdurend om de hete brei heen. Markus verdedigt zich met hand en tand, maar heeft geen been om op te staan, Iris is voortdurend in de aanval, Tilly die van hun verhouding afwist, maar tot dusver haar mond erover hield, doet háár duit in het zakje. Van hun beweegredenen komt steeds iets meer boven water. Een spitsvondige en wrange enscenering die Japin vaardig en met allure verwoordt. Tilly ‘had Iris nodig voor haar opzet, maar tegelijk haatte zij haar, niet in de laatste plaats omdat zij door zou leven. Ze vervloekte Markus om dezelfde reden. Hij had haar trouw beloofd en nu liet hij haar toch alleen doodgaan.’ Tilly staat met haar rug tegen de muur als ze merkt dat Iris in het gesprek de regie over wil nemen, terwijl zij de touwtjes in handen wil houden. Dan komt het moment dat Japin de dood invoert die zich bij Tilly aandient. ‘In die zin was het haar, toen ik me aandiende, ook niet zwaar gevallen in de dood dan maar een vriend te zien […]’. ‘En zolang ze mij heeft, hoeft zij niet bang voor mij te zijn, hoeft ze niet bang te zijn voor wat er van haar overblijft en wat haar wacht. Ik ben degene die haar daarheen begeleiden zal, nu er geen levend wezen is dat zij nog genoeg vertrouwt om dit te doen.’ Toch zegeviert de Liefde: ‘Liefhebben is de illusie niet, maar leven.’ Die blijft ondanks alles overeind: een terugkerend thema in Japins alom geliefde romans.

Ellen de Jong   2014