Montefiore, Santa 2014 (2)

‘De vuurtoren van Connemare’ van Santa Montefiore: Een boek om in weg te duiken

Ellen Trawton is ‘een echte Londense’ vóór ze naar Ierland, naar het ruige, woeste gebied Connemare, vertrekt. Het platteland  ‘joeg haar een zekere angst aan. Maar het huis van haar tante was de enige plek waar haar moeder haar niet zou zoeken.’ Santa Montefiore vertelt in ‘De vuurtoren van Connemare’, uitgave De Boekerij, vertaling Erica Feberwee, hoe Ellen als vrouw van in de dertig de stoute schoenen aantrok om voor zich zelf te kiezen en zich niet langer door haar overheersende moeder te laten kneden tot een ‘keurige, aristocratische jongedame.’ En bovendien wil ze niet trouwen met William, een jongeman uit de betere kringen, waar haar moeder op aanstuurde, maar waar ze niet van houdt. Ellen gaat bij tante Peg logeren, een zuster van haar moeder, die haar vertelt dat ze een grote familie heeft, waar Ellen niets van af weet, daar haar moeder met de familie brak toen ze uit Ierland vertrok. Zo ontdekt ze dat haar moeder een geheim verleden heeft…In Ierland wil Ellen een boek gaan schrijven al weet ze nog niet waarover. Ze voelt zich al snel thuis bij haar tante en haar vrienden en bij haar neven en nichten die ze er leert kennen. Ook de eenzaamheid die ze in de ongerepte natuur ervaart doet haar goed. Ze gooit op een zekere dag haar iPhone in zee om zich echt vrij te voelen: ‘Weg waren alle storende, bemoeizieke boodschappen. Weg was haar contact met Londen. Het was alsof ze met de telefoon, ook haar moeder en William, haar zussen en vriendinnen - haar hele leven! - in het water had gegooid. Ze was alleen, op een verlaten strand, eindelijk bevrijd van de verwachtingen waaraan ze moest voldoen, van de plichten en verantwoordelijkheden die haar gevangen hadden gehouden.’ Op een dag verdwaalt ze en ontmoet ze Conor, een aantrekkelijke Ierse man die zijn vrouw Caitlin door een brand in de vuurtoren heeft verloren. Hij heeft twee kinderen waar zijn moeder vaak voor zorgt. Ellen en hij worden hartstochtelijk verliefd op elkaar, maar ze voelt dat ook hij een geheim met zich meedraagt. Montefiore laat herhaaldelijk de ziel van Caitlin spreken in het boek. Zo schrijft ze: ‘Ach, wisten ze maar dat ik er nog altijd ben, in de bries die rond de kasteelmuren en de trollenbrug waait, in het warme zonlicht dat op hun gezicht schijnt terwijl ze brandhout zoeken voor hun vuur, en stenen om hun kamp mee te bouwen. Ik ben op het strand en in de heuvels. Ik ben altijd bij hen. Altijd. Ach, wisten ze dat maar!’ Intussen leert Ellen haar familie kennen en dat roept heel wat vragen op. Waarom voelde zij zich in het gezin altijd het zwarte schaap? En waarom vertrok haar moeder al jong uit Ierland en brak ze met haar familie? Terwijl ze met deze vragen worstelt komt haar liefde voor Conor ook plotseling in zwaar weer maar overwint later alle moeilijkheden. Ook het mysterie van haar moeder en familie wordt door Montefiore beetje bij beetje onthuld. Tegen het einde van het boek raakt Ellen nog geïnspireerd en schrijft ze spontaan een verhaal. Heeft Caitlin via haar gesproken? Montefiore stuurt op een happy end aan en dat wordt het dan ook in alle toonaarden! Het kon niet mooier en romantischer! Een boek om in weg te duiken, met personen die Montefiore zo levensecht en warmbloedig in beeld brengt dat ze je nog lang bijblijven.

Ellen de Jong   2014