Mik, Edzard 2012

Vader-zoon relatie tekent zich af tegen het Mont Blanc decor

‘Mont Blanc’, een roman over bergsport, heeft een ik-verteller: Hugo Boom, hij is over de vijftig en heeft een zoon, Ruben. De eerste regels van de proloog maken al direct indruk en prikkelen de nieuwsgierigheid: ‘Was ik bang voor de bergen? Ik had er niet eerder bij stilgestaan. Maar ik moest toegeven dat mij er alles aan gelegen was om die angst niet onder ogen te zien. Het zou mij herinneren aan wat er indertijd was gebeurd, en dat probeerde ik al vijftien jaar uit alle macht terug te duwen in de onderlagen van mijn geest, elke keer als het waagde ook maar even de kop op te steken.’ Auteur Edzard Mik die voor zijn boek research deed in de Alpen maakte met Ruben en neef Mark, beiden tieners, vijftien jaar geleden een reis naar de Alpen. Die tocht eindigde dramatisch, de neef wilde tegen beter weten in verder klimmen terwijl het weer steeds slechter werd, hoe Hugo ook zijn best deed om hem tegen te houden en van gedachten te laten veranderen. Je voelt het al aankomen, Mark verongelukt en wordt nooit teruggevonden: ‘Maar ik voelde dat zijn lichaam ergens in dat traag omlaag schuivende ijs van die gletsjer op mij lag te wachten.’ Hugo wordt geteisterd door schuldgevoelens, hij had niet zo goedhartig moeten zijn en Mark zijn zin niet moeten geven: ‘Maar wat had ik anders moeten doen? Ik zag hoezeer hij en Ruben in hun element waren en wilde geen spelbreker zijn. Ze liepen over de gletsjer alsof ze ervoor geboren waren, ze waren volstrekt op hun gemak, zoveel meer dan ik, en als ik er nu op terugkijk, denk ik dat ik het zonder hen misschien niet eens had aangedurfd daar rond te banjeren. Ze gaven me moed die ik zelf niet had.’ Als Hugo vijftien jaar later opnieuw met Ruben een klimreis naar Chamonix gaat maken komen er allerlei herinneringen boven. Intussen is Ruben uitgegroeid tot een ervaren alpinist én hij heeft een boek geschreven: ‘In ijle lucht.’ Over zijn passie voor de bergen, met het ongeluk van Mark als hoofdthema. Hugo vindt het boek onwaarachtig want Ruben beschuldigt hém van Marks dood: ‘het geeft een valse voorstelling van zaken, een subtiele maar cruciale verdraaiing van de feiten. Zonder er zelf erg in te hebben, gebruikt Ruben mij om zich te verheffen. Hij klautert op mijn rug alsof ik een zoveelste te bedwingen bergtop ben en slaat grijnzend vanuit zijn sneeuwbaard zijn armen uit. Hij haalt mij omlaag zodat zijn ster des te stralender zal schijnen.’ Hier komt de vader-zoon relatie om de hoek kijken. Hugo vraagt zich af waarom Ruben de werkelijkheid verdraaid heeft. Ruben vraagt zich in zijn boek af waarom hij móét klimmen en concludeert dat hij wel weet wat de bergen met hém doen: ‘Welke uitwerking ze op mij hebben. Ze luchten mij op. Ze laten me ademen. Ze geven me ruimte.’ Ruben, die een vrouw en een kind heeft, is vergroeid met het klimmen. Hij kan niet meer zonder: ‘Er is voor ons geen leven zonder bergen’ en ‘een leven zonder klimmen is een parodie op het leven. Een leven dat zich als oneindig en onverschillig voordoet.’ Hugo ziet de tocht die ze samen opnieuw ondernemen als een soort goed maken voor het feit dat hij een afwezige vader was en wellicht kan hij, al betwijfelt hij het, Ruben ervan overtuigen niet meer te klimmen en er voor zijn vrouw en kind te zijn. Vader en zoon gaan welgemoed samen op weg en hoe dichter ze de plaats van het ongeval naderen, des te heftiger speelt het verleden op. Hugo vraagt zich af wat hem toen bezield had om de jongens mee te nemen naar de bergen. ‘Wat had ik hun daarmee duidelijk proberen te maken? Dat het gewone leven niet volstond en dat je iets buitengewoons moest nastreven? Iets waardoor je je van het alledaagse verloste?’ Toch wordt het een heilzame reis die overigens totaal anders afloopt dan je verwacht, maar waaruit blijkt dat de zoon en de vader ondanks alles een diepe band hebben. Mik heeft bepaald geen alledaags verhaal geschreven. De manier waarop hij over het (obsessieve) klimmen in de verraderlijke bergen met hun fatale aantrekkingskrach vertelt, getuigt van een treffend beeldend vermogen, enkele ontsierende spelfouten doen daar niets aan af. Tevens heeft hij een juist psychologisch inzicht in de verhouding tussen vader en zoon die zich geloofwaardig aftekent tegen het Mont Blanc decor.

Ellen de Jong
‘Mont Blanc’
Auteur: Edzard Mik
Uitgave: De Bezige Bij
ISBN 9 789023 469681