Grunberg, Arnon 2011

Arnon Grunbergs overstelpende roman: ‘Huid en Haar’

Auteur Arnon Grunberg is een gevierd en vaak bekroond romanschrijver. Voor ‘Tirza’ (2006) ontving hij de Gouden Uil en de Libris Literatuurprijs. In zijn alom geprezen roman ‘Huid en Haar’, uitgave Nijgh&Van Ditmar, cirkelen een bonte stoet personages om hoofdpersoon Roland Oberstein heen. Oberstein is docent economie en hij heeft zijn zinnen gezet op het beschrijven van de geschiedenis van de economische bubbel. Lea werkt aan een biografie over kampcommandant Rudolf Höss en Roland en zij ontmoeten elkaar op een congres waar ze ontdekken dat ze beiden geïnteresseerd te zijn in het verschijnsel genocide. Later krijgen ze min of meer een verhouding. De ex van Roland, Sylvie, is tandarts en samen hebben zij een zoon: Jonathan. Roland heeft vriendin Violet die vreemdgaat met een handelaar in sateliettelefoons wat Roland koud laat en Violet tot waanzin drijft. Jason, de man van Lea, is borough president van Brooklyn, zij hebben twee kinderen, maar hun huwelijk is al jaren uitgeblust. Jason raakt obsessief verliefd op Enrique: UPS bezorger die hij chanteert en terroriseert. Het zijn beeldende passages waarop Grunberg de lezer onthaalt: ‘Om het zekere voor het onzekere te nemen sleurt Jason de naakte bezorger mee naar de badkamer in de Boulevard Motor Inn, daar zijn tegeltjes en op tegels gaan de vlekken er zo weer uit. Overmand door begeerte trekt hij de bezorger aan zijn haren, lang zijn ze niet. Niet om de bezorger pijn te doen trekt hij hem aan zijn haren voort, maar omdat hij niet meer zichzelf is, geen borough president meer, geen echtgenoot, geen familieman, alleen nog de man die een andere man moet temmen, ware schoonheid moet immers getemd worden, en hij heeft schoonheid gezien op een plek waar anderen vergeten waren te kijken.’ Roland is een ongrijpbare en ondoordringbare figuur en een workaholic die vindt dat ‘mensen te veel tijd kosten’. Lea wil wanhopig graag tot hem doordringen ‘om zijn onverstoorbaarheid te vernietigen’ maar Rolands antwoord hierop is: ‘Ik heb mezelf losgekoppeld. Ik heb geen enkele behoefte mezelf te verliezen in autobiografische banaliteiten. Ik ben een wetenschapper. Mijn biografie is onbelangrijk.’ Roland doceert op de Universiteit in Fairfax, Amerika. Zijn ex wil dat hij naar Nederland komt om er een semester per jaar te doceren zodat ze samen hun zoon Jonathan kunnen opvoeden, waarop Roland reageert met: ‘Ik moet aan mijn zoon denken. Ik heb een zoon, ik kom niet meer van hem af. Een knagend gevoel dat ergens in een arm of voet begint en zich langzaam door je lichaam heen vreet.’ En: ‘Als hij aan zijn studie werkt bekruipt hem het sluimerende gevoel een mislukking te zijn omdat hij zijn zoon verwaarloost. Hij heeft geprobeerd om Jonathan uit te leggen dat de mensen niets liever willen dan bedrogen worden, dat de wil om te leven feitelijk niets anders is dan de wil om bedrogen te worden, en dat hij daarover een standaardwerk schrijft, vanuit economisch perspectief, maar zijn zoon wilde het niet horen.’ Als de lezer over de helft van het boek is maakt hij kennis met studente Gwendolyne, roepnaam Gwen, die colleges volgt bij Roland. Gwen is echter bezeten van haar paard Biene en als ze een werkcollege verzuimt omdat ze met Biene naar de veearts moet, pikt Oberstein dat niet. Gwen sluit met haar vriendin Lieke een weddenschap af waarvan, zoals later blijkt, Oberstein zwaar de dupe zal worden: ‘Dus ze hebben gewed. Over hem. Hij was het object van een weddenschap. Hij was vermaak om colleges mee door te komen. Zijn sms’jes zijn door de collegezaal gegaan. Het mobieltje van Gwendolyne ging van hand tot hand.’ Er ontstaat tussen Gwen en Oberstein een heftige relatie beladen met seksuele intimidatie en masochisme die Grunberg haarfijn weet te beschrijven. Maar zover is het nog niet al liegen de volgende zinnen er niet om: ‘Hij buigt zich voorover, hij neemt haar gezicht tussen zijn handen en hij zoent haar. En zij zoent hem alsof er na hem niets meer komt. Zo voelt het. Alsof ze hem wil opeten, alsof ze hem wil verslinden met huid en haar.’ Oberstein lijkt in het begin de touwtjes in handen te hebben maar zijn illusies gaan in rook op. Hoe het afloopt is ondanks wat voortekenen onvoorspelbaar. De zorgvuldig opgebouwde plot is geweldig: die kon niet mooier evenals Grunbergs fikse aanloop náár die plot. Elk personage heeft zo zijn eigen levensverhaal dat getekend wordt door geweld, perversiteit, machtsmisbruik, ontrouw en overspel. Geestig, gevat en met een grote dosis onderkoelde humor en cynisme is ‘Huid en Haar’ een roman, om, evenals ‘Tirza’, tot en met de laatste spitse scène … …. .. …. te verslinden.


 


Ellen de Jong


ISBN 9 789038 893839