Grøndahl, Jens C.

De tijd die nodig is van Jens Christian Grøndahl

Van de Deense schrijver Jens Christian Grøndahl verscheen de roman ‘De tijd die nodig is’, uitgave Meulenhoff, vertaling Annelies van Hees. Zoals we van deze schrijver, die al vele romans op zijn naam heeft staan, gewend zijn, gaat het in dit boek opnieuw over de complexiteit van de menselijke geest. Grøndahl analyseert tot op het bot de motieven, de keuzes en verlangens van de 48-jarige architecte Ingrid Dreyer. En niet alleen Ingrids innerlijk leven maar ook dat van haar moeder Berthe en haar oma Ada, legt Grøndahl haarscherp bloot. In een melancholieke stijl beschrijft Grøndahl dat alles wat deze drie vrouwen in hun leven ondernamen tot mislukken gedoemd was omdat ze vanuit hun (egocentrische) emoties handelden. Grøndahl schrijft: ‘Heeft zij (Ingrid) net als Berthe alleen maar Ada’s oorspronkelijke schema van verlangen, wanhoop en egoïstische gedachteloosheid herhaald?’ En: ‘Waarom is ze zo boos? Omdat haar minnaar na acht jaar toch zijn vrouw niet verlaat? Omdat ze daar toch stiekem van droomde? Omdat ze niet geslaagd is voor de beslissende test als opvoeder en nu onder ogen moet zien dat ze haar laatste kans om iets voor haar zoon te betekenen verspeeld heeft? Omdat ze van plan was de schuld op Berthe en Ada en al dat egoïsme, dat blijkbaar erfelijk is, te schuiven? Omdat zij ook het slachtoffer van dat alles is?’ Deze vragen stelt Ingrid zich als ze terugkijkt op haar leven, dat evenals dat van haar moeder en oma eenzaam eindigt. Maar laten we bij het begin beginnen. Tijdens een zakenreis krijgt Ingrid het bericht dat haar zoon Jonas is gearresteerd omdat hij samen met een groepje vrienden een allochtone jongen heeft mishandeld. Ze wordt overvallen door twijfel. Heeft ze iets verkeerds gedaan? Heeft ze wel genoeg van haar zoon gehouden? Ze besluit onmiddellijk naar huis terug te keren en gedurende die reis kijkt ze terug op haar leven. Hoe ze Anders, de vader van Jonas ontmoette en later Frank, een oudere, eveneens getrouwde man die haar minnaar werd. ‘Er lag geen trauma ten grondslag aan Ingrids besluit om bij de ene man weg te gaan om met de andere samen te zijn. Ze had het niet eens goed uit kunnen leggen. Hoe leg je een gevoel van leegte uit?’ Als moeder is Ingrid een mislukking. ‘Haar moederschap heeft zich ontwikkeld tot een vertoon van machteloosheid.’ Van generatie op generatie is er dezelfde onmacht bij de drie vrouwen om hun leven op een goede manier vorm te geven. Hun scheidingen losten niets op en ze waren slechte moeders. Eenzaam en ontgoocheld bleven ze achter met het besef dat de keuzes die ze maakten ontoereikend waren voor hun levensgeluk en dat van hun naasten. ‘Tijd is gewoon de afstand, het groeiende gat waar de ene ervaring of het ene gevoel nooit in aanraking kan komen met het andere’, schrijft Grøndahl. En: ‘Haar leven lijkt op een stel buizen die naast elkaar op de grond liggen en bijna acht jaar later kan ze niet uitleggen hoe ze van de ene buis in de andere terechtkwam.’ Het is een schitterende psychologische roman met een onverwachte plot. Zou het toch nog goed komen met Jonas?

 

Ellen de Jong