Mertens, Anthony

Zwaluwziek, leven na een herseninfarct

'In de nacht van 4 juli in de zomer van 2004 verdronk ik in bed. Door de lakens heen zonk ik naar peilloze diepten. Op mijn schreeuw om hulp kwam geen enkele reactie. Met een laatste wiekslag van de wil worstelde ik me omhoog en strompelde naar de woonkamer. Het was halfzes in de ochtend en nog donker buiten, ik wilde de injectienaald met insuline in mijn buik planten, maar het ging niet. Ik moest lachen om het jongetje dat een ijsje in de hand gedrukt kreeg maar zijn tong likte in het luchtledige. Het ijsje schoot uit naar zijn rechteroog, zijn wimpers dropen van het ijs, zo lekte de insuline over mijn dijbeen. Mijn vrouw belde de ambulance.' Docent, recensent en redacteur Anthony Mertens, recent overleden, werd getroffen door een hersenbloeding in de zomer van 2004. Hij raakte deels verlamd, kon niet meer praten en kwam in een rolstoel terecht. Hoe het hem verging in die vreselijke revalidatieperiode beschrijft Mertens in zijn boek 'Zwaluwziek', uitgave De Bezige Bij. Hij noteert hoe het proces van opnieuw leren praten en bewegen in zijn werk gaat. En dat was geen sinecure. Letterlijk met vallen en opstaan worstelt hij zich door de ellenlange dagen. Tijdens dat proces wordt Mertens regelmatig besprongen 'door een reeks van oude gevoelens die ik nu herbeleefde door een onbekend psychisch mechanisme, dat kennelijk was geactiveerd.' Hij krijgt last van angstdromen, driftbuien en uitbarstingen waarbij hij zich bepaald niet bediende van een fijnzinnig taalgebruik. Ook de vernederingen van tactloze therapeuten dragen daartoe bij. De lezer komt met horten en stoten steeds meer te weten over zijn verre van plezierige jeugd, vol traumatische gebeurtenissen. Ontroerend en in rake bewoordingen schrijft Mertens: 'Ik leefde als een slaapwandelaar in het revalidatiecentrum, ik onderging de therapieën gelaten als een zombie, een versufte, onophoudelijk dromend van een ontwaken, van een breuk die me zou bevrijden en me zou toestaan eindelijk mezelf te zijn.' Toch is het niet alleen maar kommer en kwel. 'Ik had het gevoel dat mijn hersenen een winter lang afgedekt door cellofaan in een koelvak van de supermarkt hadden gelegen en dat ze nu de afgelopen dagen begonnen waren te ontdooien, langzaam maar in een zeker tempo.' Na een half jaar mocht Mertens weer naar huis en constateert: 'Ik was een ander mens geworden, iemand voor wie mijn vrouw en kinderen zich schaamden. Ik was grof in de mond, ongenuanceerd, bij het geringste kwaad, intolerant, ja zelfs racistisch.' Zijn vrouw, Dorotheé, en zoons hebben het niet gemakkelijk met hem. In 'Zwaluwziek' - een prachtige term waarmee Mertens de dromerige toestand bedoelt waarin hij zich bevindt - gaat het niet alleen over zijn ziekte proces en herstel, maar ook over veranderingen in hem zelf. Hij moet weer zien te ontdekken hoe hij in elkaar zit. En natuurlijk gaat 'Zwaluwziek' ook over Mertens liefde voor de literatuur. Het slot van het boek is geweldig en schitterend verwoord: Tijdens Mertens verjaardagsfeest ontvangt hij samen met zijn vrouw drie geliefde schrijvers, Anker, Bernlef en Schippers, met hun vrouwen. Hij spreekt hen toe, het wordt een soort college waarbij hij hun namen op een bord schrijft met zijn rechterhand, waarvan hij zich niet bewust is. Ontroerend zijn de slotregels van het boek: 'Ik ben jullie dankbaar voor wat jullie voor mij gedaan hebben.' In de eindeloze stilte die volgde, hoorde ik de stem van Erica, die uit de hemel leek te komen: 'Maar Anthony, heb je zelf niet gemerkt dat je met je rechterhand schreef?' Verbouwereerd keek ik een tijdje naar het krijtje in mijn rechterhand. Toen leek de wereld opeens een salto te maken in mijn hersenen, er vond een conferentie plaats tussen de linker- en de rechterhelft van mijn hersenen, tot de rechterhelft uiteindelijk de overhand kreeg en ik stotterde: 'Verrek, Erica, je hebt gelijk.' Ik draaide me om naar het bord en ik begon, maar nu bewust, te schrijven met mijn rechterhand in duidelijk schrift. 'Ik schrijf je naam, Dorotheé,' en daaronder, 'ik kan weer schrijven.' En de rest verdween in een stortvloed van tranen.
Helaas zullen wij nooit meer iets van Mertens lezen, maar met 'Zwaluwziek' leeft hij voort in onze herinnering.

Ellen de Jong