Westerik, Co 2014

Expositie in Slot Zeist: ‘Co Westerik 90 jaar.

Naar aanleiding van het persbericht over ‘Co Westerik 90 jaar’ dat verleden week in de krant stond had ik een gesprek met deze bekende beeldend kunstenaar. Voor Westerik is zijn omgeving leidend voor zijn thematiek. De relatie die mensen met elkaar hebben en de relatie tot zijn omgeving staan centraal in al zijn werken. Was dat in het begin van uw 67-jarige carrière ook al zo? Westerik: “Ja. Ik heb een constante lijn in mijn werk waarin variabelen zijn van een kleur die enigszins verandert op het palet. Maar thematisch is het altijd wat ik persoonlijk beleef, wat ik om me heen zie, dus al die dingen die jij nu net noemt, kan ik volledig beamen.” Westerik maakt realistische voorstellingen waarbij de huid van de mens een essentiële rol speelt. Hij licht toe: “Míjn realisme is een variant op hét realisme. Maar ik noem het toch steeds zo omdat in mijn werk duidelijk herkenbare vormen voorkomen. Maar aan de andere kant zet ik die zo onder druk dat het een vleug surrealisme ademt. Wat betreft die huid: “Ik probeer onder de dingen die ik zie, waarneem en voel, een beetje dieper in te steken, diepere lagen te ontdekken. En dan ben ik plotseling door het vlees gefascineerd. Als ik naar mijn pols kijk, waar ik ooit een groot schilderij van maakte, zie ik daar die huid en weet wat daar onder zit. Ik heb althans, ik ben geen arts, een vermoeden dat onder die huid wat gebeurt. In mijn schilderijen staan mensen bij elkaar en dan moet daar iets plaatsvinden wat ik zichtbaar wil maken. Ik herhaal: Ik wil onderliggende lagen in het menselijk zijn naar boven halen. U kijkt mij aan en ik kijk u aan en daar ga ik betekenissen bij bedenken en er klemtonen op zetten, ik ga dat chargeren. Maar dat is niet direct realistisch, naturalistisch mogelijk. Het moet onder de zaak door naar boven komen. Dat is althans mijn streven. En soms lukt mij dat vrij aardig!” In een uiteenzetting over Westeriks werk in NRC Handelsblad (8 mei 2014) schrijft hij:  ‘Zijn schilderijen bevatten altijd figuratieve elementen maar het zijn ook abstracte composities van kleurvlakken.’ Heeft Westerik nooit de neiging gehad tot volledige abstractie over te gaan? Hij lacht, ha, ha en zijn antwoord komt prompt: “Ik heb in een interview met Max Pam eens gezegd: Ach, die abstracten zijn toch eigenlijk etaleurs van kleurvlakken. Het zijn decoraties die er gemaakt worden en die zijn, vind ik, een vloek voor de beeldende kunst. Het mag toch wel iets meer inhoud hebben, vind ik. Toen ik begon, ik kwam in ’47 van de Academie af, was het bon ton om abstract te werken. Ik zat als buitenbeentje in m’n dooie eentje een visvrouw te maken en een jongen met een fiets, heel realistisch, althans je kon zien dat het een fiets was en er een jongen stond van een bepaald soort leeftijd. Dat was krankzinnig gek natuurlijk binnen het normalitair gebeuren van: jongens, we zijn decoratief met abstractie bezig. Die realisten, ach, ach, die hebben we gehad. Nee, ik voel niets voor het abstracte, dat vind ik een beetje te weinig hoor.” Op de tentoonstelling is onder meer het topstuk ‘De begrafenis van H.M. Koningin Wilhelmina’ te zien. Westerik: “Ik kreeg destijds de opdracht van de Haagse Gemeente, de directeur van het Gemeente Museum belde mij op, let wel Ellen, een dag voor de begrafenis in Delft, en vroeg: wil jij die gebeurtenis vastleggen? Wil je daar een schilderij van maken? Jeetje, dat is ongelooflijk. Dat is niet mis. Ik moest binnen twee uur beslissen. Ik zei: ik doe het. Dat schilderij hangt in Slot Zeist, na allerlei omzwervingen, en daar ben ik erg blij mee.” U heeft gezegd wat u tot uitdrukking wilt brengen maar wat ervaart de toeschouwer? “Ik noem één voorbeeld: Er zijn mensen die zeggen: Ik vind uw schilderij ‘Snijden aan gras’ verschrikkelijk. Het is een werk uit de jaren ’60. Het was een reproductie (waarbij duidelijk zichtbaar is dat een grassprietje het vingertopje is binnengedrongen), die door de NS opgehangen werd in treincoupés maar die eruit moest. Mensen kwamen tegenover dat ding te zitten en ergerden zich eraan op weg naar hun werk. Zeker honderd man heeft knarsetandend  voor mijn werk gezeten. Maar er zijn gelukkig anderen die op hun knieën liggen en zeggen: Dit is echt zo fantastisch, dat dit mogelijk is, dat je dit in een micron laagje verf kunt waarmaken! Chapeau!”

Ellen de Jong 2014

1 juli  tot met 31 augustus 2014
Zinzendorflaan 1
030 – 69 21 704
www.slotzeist.com