Naezer, Jan - 2004


Als je niet meer verder kunt

2004
Jan Naezer exposeert met etsen met bladgoud in Pulchri Studio van 15 februari tot en met 6 maart. We treffen elkaar op het station en rijden met zijn auto naar het Ledeganckplein in Den Haag waar Jan in een vroegere huishoudschool zijn atelier heeft. We lopen drie trappen op. Jan, trots: "Je zult niet weten wat je ziet." Dat klopt. Een gigantische ruimte, strekt zich voor me uit, verdeeld in een eigen werkplaats en een lesruimte met de gebruikelijke attributen zoals een paar bossen bloemen als 'stillevenmaterialen'. Dit alles beschenen met veel diffuus herfstlicht.
Hoe kwam hij onder de indruk van Jugendstil?

Jan:"Mijn vrouw en ik kwamen tijdens een vakantie in Nancy terecht, een prachtige stad, met een Jugendstil route die naar een groot museum leidt, dat hét centrum van die stijl bleek te zijn. Ik werd er direct verliefd op en vanaf dat moment, zo'n vijf jaar geleden, ging die liefde groeien. Jugendstil is ontwikkeld als een stijl voor arme mensen, de socialistische gedachtengang dat die mensen ook mooie dingen moesten hebben, ligt eraan ten grondslag. Uiteindelijk was dat niet betaalbaar want alles moest met de hand gemaakt worden en daarom ging het ook mis. Maar ik vind de vormen heel mooi en sierlijk. Met mijn eigen werk heeft het niets te maken, maar ik kan dingen ook waarderen al is het mijn eigen manier van doen niet."

Jan raakte verslingerd aan grafiek en van zijn handen met zwarte nagels zie je de graficus af. Hij heeft ook een paar boeken samengesteld met etsen van zijn cursisten. Aanleiding waren de Trojaanse oorlog en Het Epos Gilgamesj. Jan:"Ik vond het leuk als ze fragmenten eruit op hun eigen specifieke manier verbeeldden en dat is ook gebeurd, aan het eind van het cursusjaar had iedereen zo'n boek."

De prenten van Jan waren vroeger louter zwart/wit, later maakte hij tijdens een verblijf aan de grafische werkplaats in Berlijn kennis met de chine en collé techniek. Hierbij wordt tijdens het afdrukken een dun stuk gekleurd papier in de drukgang meegelijmd. Zijn werk heeft geen onderwerp in literaire zin, het is het proces zelf dat als onderwerp fungeert en waarvan de uitkomst een verstild rustpunt is. De prenten worden in een kleine oplage met de hand gedrukt waarna bladgoud wordt aangebracht. Door deze werkwijze krijgt elke afdruk een uniek karakter.
Jan maakt de opbouw van zijn prenten aanschouwelijk:"Een ingewikkeld proces", en laat me zijn allereerste ets, van jaren geleden, met bladgoud zien. Uit een brede lade komt ze tevoorschijn. Ook zijn meest recente zie ik.
"Je ziet hoe ik gegroeid ben. Uit de ene komt de volgende vóórt, je doet steeds meer met minder, dat zegt de HEMA ook, maar wat je vooral ziet is mijn ontwikkeling naar het dóórwerkte. Het mooiste moment bij het maken
van een ets is: als je niet meer verder kan. Dan is het of weggooien of verknippen en wordt het wat onverwachts. Het gekke is dat waar je van uitgaat fundamenteel verandert in wat het tenslotte wordt. Uiteindelijk is grafiek niet meer dan een zoektocht."

In aardetinten gecombineerd met bladgoud bekeek ik zijn van nummers voorziene produkties: zijn rijke schakering van grafische contrasten waren als vanzelfsprekend met elkaar in evenwicht.
Jan:"Ik heb geen titels, want het stelt niets voor! Mensen zeggen: het lijkt nergens op. Dat klopt: de prent lijkt op zichzelf. Dat is mij genoeg."


Ellen de Jong