Verbeke, Annelies


Het te veel verlangen van het leven

Slapeloosheid maakt de mens op z'n minst prikkelbaar en als het lang duurt ontspoor je. De twee hoofdpersonen uit 'Slaap!', uitgeverij De Geus, lijden eraan. Recent debuteerde Annelies Verbeke (Dendermonde,1976) met deze roman, die inmiddels een tiende druk beleeft. Ze staat er zelf van te kijken dat 'Slaap!' een droomdebuut wordt genoemd.
Verbeke studeerde in Gent Germaanse taal- en letterkunde, volgde daarna in Brussel een eenjarige opleiding scenarioschrijven. Het filmfestival van Berlijn selecteerde haar scenario 'Dogdreaming' vorig jaar als European Pitch Point. 'Slaap!' is opgenomen op de long-list voor de Libris Literatuurprijs en de Vlaamse stichting Roeping rekent haar tot de vijftien meest belovende Belgen onder de dertig jaar.
Voor haar raam in Gent hangt een poster van haar boekomslag. Wijd opengesperde ogen kijken je indringend aan. In 't echt zie ik haar nu zoals ze voor me uitloopt naar de keuken: hip gebloemd rokje, zwarte doorschijnende kousen die om welgevormde benen sluiten. Terrakleurige hooggehakte schoenen, zwart poezelig truitje waar bovenuit een tipje van een turkoois T shirt.
Donkerbruine waakzame ogen, omrand met zwarte lijntjes, nemen me op. Ze is op haar hoede. Het kastanje bruine haar achterover, een ondeugend oor piept eronder vandaan. Ze heeft drie katten. Eén is duidelijk aanwezig, loopt met witte voetjes over de tafel heen haar aandacht te trekken. Dat lukt, het zoete poezenbeest wordt geaaid. Daarna geeft ze zich meer daar ze merkt dat ik positief gestemd ben.




Wat deed haar als scenarioschrijfster besluiten een roman te schrijven?


"Ik heb altijd het plan gehad ooit een roman te schrijven, maar een concreet idee was er niet. Na mijn studie aan de universiteit wilde ik iets creatiefs doen en ik ging een jaar lang een cursus scenarioschrijven volgen aan de Brusselse Filmschool. Ik kwam in een paar workshops terecht, nadat ik een script had geschreven, en daar kreeg ik het gevoel dat ik het echt kon en men vond ook dat ik een mooie stijl had. En toen dacht ik: ik ga ook eens proberen om proza te schrijven en dat heb ik gedaan. Ik had zeker wat aan mijn schrijfervaringen van scenario's, in de zin dat een verhaal met een plot voor mij belangrijk is, al is dat niet mijn sterkste kant, maar ik heb er meer mogelijkheden door gekregen. Bij het schrijven van scenario's moet je alles noteren wat er gebeurt, je moet je goed voorstellen wat je ziet en dat beschrijf je dan zo juist mogelijk. Dat komt allemaal van pas bij het samenstellen van een roman, die vol gedachten en poëzie moet zitten en stijlvol dient te zijn. Taal is voor mij wezenlijk want ik heb altijd al gehouden van verhalen en misschien heb ik een beetje aanleg. Bovendien was mijn vader vaak bezig met gedichten al was het niet professioneel en hij las mij veel voor."


Verbeke's roman wemelt van beeldende en vooral poëtische zinnen:
Ik noem er een paar:

'Een perfecte omhelzing is moeilijk en in wakende uren volkomen onbereikbaar. Maar je lichaam heeft genoeg herinneringen om er een voor je te boetseren in de laatste zucht van een droom, net voor je het gonzen van de wereld weer moet aanhoren.'
'Ik wou het bloed van haar hart lachen', en 'Ze haalde een parelboompje uit haar haar.'

In 'Slaap!' spelen twee figuren een hoofdrol, Maya (28) en Benoit (53). Maya slaapt niet meer dan een paar uurtjes per nacht. Uit rusteloosheid gaat ze op willekeurige adressen aanbellen om mensen uit hun slaap te halen. Daarbij stuit ze nogal eens op agressie en ergernis. Tot ze op een nacht hoort: 'Eindelijk. Wacht daar. Ik kom.' Het is de stem van Benoit De Gieter die ook aan slapeloosheid lijdt. Ze blijft staan 'met een hart zonder remmen, met hoop zonder slaap.' Hij is het kind van een hoer, maar dat komt hij pas later te weten. Zijn moeder is alles voor hem en als ze dood gaat was dat voor hem 'de laatste dag die ertoe deed. De rest was zomaar een leven.' Benoit heeft zes mislukte relaties, drie psychiaters en twee therapieën achter de rug als hij Maya ontmoet. 'De hele tragikomedie die begon bij een flard sfeer van bijna ondraaglijk gelukzalige warmte, liggend in mijn moeders schoot op een zonnige dag naast ons zeetje. Ik lig met mijn hoofd op haar benen, zij droogt mijn voeten met een blauwe handdoek,' schrijft Verbeke. Bijzonder pakkend verwoordt ze deze liefde tussen moeder en kind.
Benoit ontdekt met een schok dat Maya sprekend op zijn moeder lijkt en er ontstaat onmiddellijk een band tussen hen. Ze worden kameraden. 'Dat ik Benoit De Gieter in één nacht tot Vriend had uitverkoren vloeide niet alleen voort uit mijn behoefte aan een soortgenoot. Het was een verdrukte drang naar contact die mij dreef. Hoe meer wakker, hoe meer alleen.'
Als zij hem verleidt betekent dat voor hen de afgrond. Maya krijgt moedwillig een ongeluk, Benoit steekt zijn flat in brand en belandt in de psychiatrie. In een bordeel aan de kust, vindt Benoit Maya na een tijdje terug. 'Misschien zullen we straks naar buiten gaan en zien hoe de stad ons omarmt met schepen en bussen en bomen. Met adem en stemmen en bloed. Met dag en nacht. Met mensen en ik en wij samen. Misschien,' luidt het slot.


Hoe kwam je op het idee over dit onderwerp te schrijven?

"Ik heb het in de eerste plaats willen gebruiken als een metafoor voor een algemene rusteloosheid en ik vond het met 'Slaap!' het gemakkelijkste uit te drukken. Maar ook begon ik ermee na een periode waarin ik om leuke redenen - ik was me goed aan het amuseren - heel weinig had geslapen en in een andere dimensie terechtkwam, vond ik. Dat had er dus ook mee te maken. In Maya zit ik zeker maar zoals dat bij literatuur altijd het geval is, is het een totale uitvergroting van wat jezelf kent. Ik ben er nooit zo erg aan toe geweest, maar ze is zeker herkenbaar voor me in haar rusteloosheid en aan de manier waarop ze geparalyseerd wordt door het teveel verlangen van het leven, zoals ik al zei. En ze heeft een zelf destructief kantje wat denk ik ook veel mensen hebben hoewel de meesten het binnen de perken houden. Door die slapeloosheid verliest ze een heleboel remmingen en krijgen die dingen vrij spel."

Van Maya's verleden komen we niet veel te weten.

"Dat was de bedoeling. Een journalist van Trouw vatte dat mooi samen en zei: 'bij Benoit liggen zijn problemen in het verleden en bij Maya in het heden.'
Dat klopt. Maya gedraagt zich zo omdat ze slapeloos is, maar ze is dat waarschijnlijk ook omdat ze een persoonlijkheid heeft die veel tobt en neiging heeft tot somberheid. Ze beschrijft zichzelf ergens als een kind dat nadenkt over het heelal dat zo immens groot is en sindsdien bij haar een nihilistisch gevoel over de wereld oproept. Het betreft dus haar persoonlijkheid, meer dan een concrete gebeurtenis."

Sprekende dieren fascineren Verbeke, ze las en schreef veel sprookjes: "zo origineel is het ook niet. Dieren hebben altijd iets bruikbaars op dat gebied omdat ze enerzijds heel onschuldig zijn, niets verkeerd doen, aan de andere kant lijken ze wijs en spreken ze tot ieders verbeelding. Ja, die potvis, als droombeeld voor de afwezige vader van Benoit,
was echt een keuze omdat het een dier uit de Oudheid is en dat vond ik iets hebben evenals de Nachtvlinder, die in de context van 'Slaap' natuurlijk voor zich spreekt."


Het meest indrukwekkende debuut sinds Arnon Grunberg, schreef Elsbeth Etty.

"Het was een totale verrassing voor me en een groot compliment. De recensie van Etty was de eerste die verscheen en die was meteen raak. Het is meer gevallen dat ik iets met Grunbergs werk gemeen heb. Hij is alleen veel harder vind ik, ik ben romantischer. Onze overeenkomsten zijn dat we iets schrijven dat een mengeling is tussen: grappig en heel triest en volop zwarte humor. Ik heb hem hoog."

Een voorbeeld van die humor: 'Een vriend van Benoit zegt: 'Kom bij mij werken, Benoit. Nachtwaker, zegt je dat iets?' Dat zei me iets. Dat was ik al jaren onbetaald.'

Verbeke was bezig met een volgend boek, ze had dertig bladzijden geschreven maar was er niet helemaal zeker van. En ze merkte dat het succes van 'Slaap!' op een bepaalde manier remmend werkte. Als ze slechte commentaren had gekregen zou het nog veel erger geweest zijn, maar toch is het een druk, in de zin van: "ja, het moet nu beter, of minstens even goed. En ik ben natuurlijk scenariste en dat wil ik blijven. Binnenkort ga ik 'Dogdreaming ' herschrijven, twee maal is de bedoeling. Maar ik heb De Geus beloofd dat ik in de zomer verder zal gaan met mijn boek. Misschien valt er nog iets goeds van te maken, ik moet er nog over nadenken."

Ellen de Jong, 2004.