Laurant, prins van België

Ik kies de hond omdat hij ervoor kiest bij de mens te zijn


 


Gewoonlijk volgt de hond zijn meester. In het door prins Laurent van België geschreven boek: De hond als gids in de kunst en in de stad, is het de lezer die de hond moet volgen. Samen met hem zal hij overal, op straat, in parken, musea en bibliotheken, allerlei werken ontdekken waarin honden voorkomen. In beeldhouwwerken en stripverhalen, fresco's en miniaturen, legenden en anekdoten en zelfs in de geschiedenis laat de hond ons kennis maken met de onverwachte aspecten van de stad. Het is een heel originele manier om de stad en haar geschiedenis te leren kennen. Op de achterkant van dit uiterst verzorgde en van veel prachtig beeldmateriaal voorziene boek prijkt prins Laurent met zonnebril in een omarming met zijn jolige Bernse herder. Dit kleurige prentenboek neemt ons mee op een ongedwongen wandeling door het verleden en heden van Brussel. Hoe hebben honden die vroeger melkkarretjes trokken, in de Eerste Wereldoorlog mitrailleurwagens gesleept? Hoe worden de windhonden uit de heraldiek voorgesteld op de middeleeuwse miniaturen? In welke gedaante wordt een hond op een doek afgebeeld? En wat heeft deze trouwe metgezel ons te bieden? Op al deze vragen krijgt de lezer een degelijk antwoord. Het is de wens van prins Laurent die voorzitter is van de Stichting Prins Laurent voor het Welzijn van de Huisdieren en Wilde Dieren dat zijn boek tot een bewustwording leidt; elk dier maakt immers deel uit van onze omgeving, het verrijkt haar en zorgt voor evenwicht. Bovendien bekleedt de hond een bijzondere plaats in de gevoelswereld van de mens. Inleiding Twee Belgische professoren hebben een voorwoord voor het boek geschreven. De onomstotelijke trouw van de hond wordt door Rik van Aerschot aan de solidariteit tussen de rijke en arme landen gerelateerd en Vic Goedseels vindt de veelbezongen band tussen mens en hond een goed voorbeeld van een geslaagde ecologische integratie van de mens met het milieu. In zijn inleiding schrijft de prins: 'Naast de wetenschap, de bescherming van de dieren en het duurzaam beheer van ons leefmilieu heb ik als grote passie de hond. Waarom? Om de warmte die uit zijn ogen straalt, zijn oprechte affectie, zijn onwankelbare trouw. De hond is mijn vriend - en ongetwijfeld ook de uwe. Ook al beseft hij het zelf niet, toch is hij de meest toegewijde gezel die de mens sinds het begin der tijden aan zijn zijde heeft gehad. (...) 'Waarom komen er zoveel honden in de kunst voor, meer dan om het even welk ander dier, met uitzondering van de vogels? We treffen ze aan in de beeldhouwkunst en in de schilderkunst, in de poëzie en in andere literaire genres, in volkse uitdrukkingen en in spreekwoorden, in legenden en verhalen - en dat in alle periodes en in alle mogelijke stijlen. Men hoeft maar een museum binnen te lopen om honden te zien op doek, in klei, brons en steen of verwerkt in de meest diverse objecten.(...)' 'Want dit boek heeft niets van een wetenschappelijke studie en streeft evenmin naar volledigheid. De anekdotes willen aanzetten tot reflectie. En die reflecties roepen op hun beurt boeken en kunstwerken in de herinnering op.' Op initiatief van de prins is de hond als thema gekozen voor een viertal zomerse tentoonstellingen, in verschillende instellingen van Brussel werden gepresenteerd. De getoonde verzameling kunstschatten laat zien dat: Evoluerend van levendige figurant of veelgebruikt symbool bij de meest uiteenlopende bijbelse en profane taferelen, de hond in de zeventiende eeuw de status van volwaardig onderwerp krijgt, zij het binnen een toen minder gewaardeerd genre. Lijkt er in deze periode vooral fascinatie te bestaan voor de picturale mogelijkheden die het dier-zijn biedt, vanaf de achttiende en zeker de negentiende eeuw komt er een heel andere visie op de viervoeter: de hond wordt voorgesteld als een bijna menselijk wezen. We zien het huisdier afwisselend slapend, jagend, vechtend, zwoegend, wakend of spelend. De hond in al zijn gedaanten.


 


Ontmoeting


 


Prins Laurent kwam me joviaal tegemoet in de hal van zijn Instituut. We stapten in een zilvergrijze auto en de prins reed naar het Koninklijk Paleis, waar geparkeerd werd. 'U vindt het toch niet erg om naar de Universitaire Stichting, waar we gaan lunchen, te lopen?' Nee, graag zelfs. 'De Universitaire Stichting is een ontmoetingsplaats voor professoren en politici en is opgericht door Koning Albert,’ vertelde hij. De zaal om te dineren was vorstelijk ingericht, met grote kroonluchters en stemmige tafels en stoelen. U spreekt met grote eerbied over de hond. 'Dat zal ik u uitleggen, maar ik spreek liever in beelden dan in woorden. Voor mij heeft de hond een speciale plaats in een mensenleven. U bent romantisch, dat zie ik zo en u heeft beslist als u. 's morgens voor een open raam stond wel eens dieren gezien die samen komen in een weide: een vos, een kraai, een schaap; op een bepaalde manier passen die dieren goed samen. Als er een hond bij komt gaan veel dieren weg. Hoe komt dat? Omdat hij de verstoorder van de pastorale rust is en omdat de hond naar de mens komt loopt de rest van de dieren weg. Eén dier koos er namelijk voor de mens te volgen, de hond valt die eer te beurt. Waarom? Omdat hij die keus gemaakt heeft. Voor de mens is dat uitermate belangrijk.' U bent van jongs af aan opgegroeid met een hond? 'Ik moest vaak dieren verzorgen. Ik ken, tussen aanhalingstekens, de hond beter omdat ik veel met hem verkeerd heb. Alle dieren zijn voor mij interessant. Er is niet één dier van nature stout, of vals, het heeft alles te maken met het milieu dat je hem aanbiedt, dat geeft hem een bepaald karakter. Daarom investeer ik veel tijd in het bewerkstelligen van een beter milieu zodat alle levende wezens daarvan kunnen genieten. Nu over mijn boek: Tegenwoordig zijn mensen op één vakgebied bekwaam, in tegenstelling tot mensen in de middeleeuwen die in veel vakken goed waren. Het is de vraag of het goed is je op één ding te richten. Ik wil met mijn boek - gebruikmakend van een thema - tonen dat alles met alles in verband staat. En nu wil ik het over de filosofie als leefstijl van de mens hebben. Ik geloof dat wij op de verkeerde weg zijn. We hebben veel keuzes en leven een leven dat gebaseerd is op technologie en commercie om het zogenaamd gemakkelijk te maken. We zijn meer gericht op hebben dan op zijn. De milieufilosoof richt zich meer op het zijn. Eén van de concrete criteria van die filosofie is aan mensen het interdisciplinaire te tonen. Mijn boek laat zien dat met zeer simpele middelen een interessante veelzijdigheid, en alleen die is duurzaam, te bereiken is. En daarvoor moet je creatief zijn, een voorwaarde voor écht mens-zijn. Ik toon aan dat de geschiedenis, de filosofie, de biologie en de stedenbouwkunde tot één geheel verbonden kunnen worden, met als rode draad door het boek: de hond. Ik wilde een paar tentoonstellingen rond dit thema in mijn boek presenteren, dat is iets nieuws. De afbeeldingen in mijn boek kan men dan in het echt zien. Maar met één boek en een paar tentoonstellingen kan je je doel niet bereiken. Het is slechts een begin. De milieufilosofie moet uitgedragen worden - om mensen levensstijl te leren - met alle middelen die er maar zijn en daar is kunst er één van. Ik herhaal: door de technologie raken we steeds verder af van het creatieve, en dat is het enige echte leven van de mens. De milieufilosoof zegt: opgepast, we moeten ons altijd de vraag stellen: zijn we op de goede weg? Na deze uitleg begrijpt u dat het geen boek over honden is, maar dat begreep u al. En nu ben ik zeer spontaan: alle mensen die echt in de milieufilosofie geloven zijn voor niets bang. Zelfs niet voor de dood. Als ze dat wel zijn zijn ze bang voor zichzelf. En nog iets: de gedachten van mensen moeten gericht zijn op de ander. Dat is liefde ook: je blik open naar je naaste. Niets anders is het. Kom, ik moet nu naar een volgende afspraak.' We reden snel terug naar de Stichting, de prins dankte me: 'u kunt mij altijd ontmoeten.' De hond als gids in de kunst en in de stad, geeft een andere blik op de kunst en de stad, en ook op het leven.


 


Ellen de Wilde