Hemmerechts, Kristien



Kristien Hemmerechts bij SLEE

Een poging om oprecht te zijn

Kristien Hemmerechts (1955, Brussel), zal 16 februari om 15.30 uur bij SLEE optreden. Margreet den Hertog zal haar inleiden. In Scholen in de Kunst, Coninckstraat 58. Reserveren: tel. 033 - 4729094. Ze is schrijfster van onder meer 'Alle verhalen' en romans 'Brede heupen' en
'Donderdagmiddag. Halfvier.'
Hemmerechts was getrouwd met de dichter Herman de Coninck die in 1997 overleed. Ze schreef hierover het autobiografische essay 'Taal zonder mij'.
Hemmerechts doceert sinds 1999 literatuur aan de Toneelopleiding van het Conservatorium in Antwerpen.
Vers van de Pers verscheen haar dagboek 'Een jaar als (g)een ander' bij uitgeverij Atlas.

Hemmerechts schrijft liever romans dan verhalen, dat heeft te maken met het standpunt van de lezer. "Als er tien verhalen in een bundel staan is de kans groot dat men er maar de helft van leest, daarom maak ik er liever een roman van. In 'Donderdagmiddag. Halfvier.' staan ook een aantal verhalen, maar ik hoop dat ze thematisch verbonden zijn met het boek. Ze hebben het ook over de ouder-kind relatie in de ruimste zin, alleen op een andere, in dit geval sprookjesachtige, spottende, manier."

Het dagboek, dat van 5 februari 2001 tot 15 februari 2002 loopt, is een neerslag van Hemmerechts dagelijkse leven dat rijk gevuld is met allerlei ontmoetingen, en er staan ook weer overdenkingen in over haar ouderschap.

Hemmerechts:
"Het is toevallig ontstaan, ik geef schrijfopdrachten aan studenten die een toneelopleiding volgen. Een daarvan luidt: een semester lang een dagboek bijhouden; het is geen eerlijkheidswedstrijd, want ze zijn vrij om weg te laten wat ze liever niet openbaar willen maken. Ik had die bepaalde dag een aantal keren uitleg gegeven en toen ik thuis kwam dacht ik: het lijkt wel of ik mezelf een opdracht had staan geven, ik moet zelf een dagboek bij gaan houden. Het begint ook met een verwijzing daarnaar; ik ben er met een open geest aan begonnen. Met de vraag wat er uit zal komen. Geleidelijk aan merk je dat er rode draden ontstaan. Een ervan is dat het een geheugenboek werd, dat niet alleen terugkijkt in gedachten, maar ook ingevuld wordt met dingen in het heden die terug doen denken aan het verleden en samenvallen. Of dat bepaalde beelden van vroeger altijd maar weer terugkeren. Een andere rode lijn of spanningsboog is mijn psychisch zieke zus en het gepieker over haar. Ik zat toen in een perode dat ik weinig contact met haar had en aan het einde van het boek, toevallig op 14 februari, ga ik haar weer voor het eerst opzoeken. Hoe mensen reageren?
Een aantal mensen vinden het prachtig en worden erin meegezogen, anderen struikelen over de vraag waarom een dagboek? Omdat het zeer persoonlijk is en intiem, je fictionaliseert niet, maar toch, en dat is ook een lijn in het boek, besef je, dat je zelfs als je probeert zo waarheidsgetrouw mogelijk te zijn, faalt.
Een droom kun je ook niet echt vertellen, je gaat 'm altijd aanpassen en veranderen. En dat geldt ook voor dingen die gebeuren en die je op gaat schrijven, je geeft ze vorm, maar het vormgeven is vervormen. Maar vaststaat dat je wel een poging onderneemt om oprecht te zijn, in hoeverre slaag je in die poging? Toch ben ik redelijk gerust dat het boek veel lezers zal bereiken en zekere vrouwelijke."

Ellen de Jong