Haar, Gijs ter


Nieuwe bundel Gijs ter Haar.


In die polariteit probeer ik geluk te vinden.

Amersfoortse podiumdichter Gijs ter Haar publiceerde Underdog poet en Licht op oude muren. Twee dichtbundels die goed ontvangen werden en dat stimuleerde Ter Haar door te gaan met schrijven. Onlangs verscheen Op klompen (te koop bij boekhandel Veenendaal en De Algemene Boekhandel), uitgegeven in eigen beheer bij Kikker.
De bundel bevat Gedichten (1999 en 2001) en is verdeeld in lijden en last, liefde en lust. Underdog poet was echt een experiment vertelde Gijs en aangezien hij toen in een heftige tijd leefde speelde drank, drugs, rock & roll, sex, liefde en haat een belangrijke rol. Gijs: "Het liep allemaal een beetje door elkaar en ik schreef zowel vrije verzen als sonnetten. Mijn tweede bundel had de wederopstanding als thema en daarin ontwierp ik een nieuwe versvorm, het groot gros, dat is een gedicht waarin achttien regels verdeeld zijn over drie keer zes coupletten, maar er waren ook weer vrije vormen en sonnetten. Vooral sonnetten schrijf ik graag, ik vind dat een fijne vorm, mijn laatste bundel bestaat voor meer dan de helft uit sonnetten. Ik groei er ook in merk ik, daar ze technisch gezien steeds strakker worden. Maar ik wil niet verstarren, en laat dus ook ruimte voor andere vormen. Ik ben nu bezig met iets en dat heet ongeremd, ongerijmd; mijn streven is een bundel te schrijven waar niet één keer rijm in voor komt. Ik vind het moeilijk maar ga het toch proberen want voor mij is het een uitdaging iets heel mooi te zeggen zonder rijm. Mijn mening is dat door rijm poëzie heel mooi kan worden vanwege het slim uitgedachte, maar door het weglaten ervan, dus het minder verfraaien, een even ongekende kracht kan uitstralen."


Lees je poëzie van anderen?

"Zeker en als ik iets moois lees vind ik het jammer dat ik het niet zelf heb geschreven. Komrij is mijn God en Achterberg ook. Ik ben wel eens met Achterberg vergeleken of je het wilt geloven of niet!"


Je laatste bundel heeft twee bijzondere afdelingen.

"Ja, lijden en last, liefde en haat. In die polariteit probeer ik geluk te vinden. Ik vind dit mijn beste bundel omdat vorm en inhoud goed op elkaar afgestemd zijn. Als ik poëzie van anderen lees – en misschien klinkt dat wel heel arrogant - heb ik iets van: ik ben net zo goed. Ik moet gewoon de juiste persoon vinden die mij optilt naar de literaire wereld zodat ik een uitgever vind die iets in mij ziet. Als podiumdichter treed ik zo'n twee maal per maand op en heb zeker een bekendheid opgebouwd maar daar bereik je niet veel mee in het literaire circuit, je breekt niet door, want het publiek bestaat voor het grootste deel uit dichters die zelf ook wat willen zeggen.
In de Vrije Boekenweek in maart zal mijn bundel aangeboden worden op alle podia die actief deelnemen. Wie weet komt er dan wat van. In ieder geval: ik ga gewoon zo door al duurt het misschien nog wel tien jaar eer men mij kent."



Als God maar weet

Dichtbij, dat was je al,
het wordt steeds dieper,
dichtbij wordt diep.

Je bent een ster in het heelal,
mijn weg daarheen, die liep er
al, ik zag hem niet omdat ik sliep.

En mag de wereld ook niet weten
dat wij elkaar in liefde heten,
het was er al toen God ons schiep.

En wij, als eindelijk verbonden zielen
die flonkerend langs het luchtruim vielen,
voelden hoe hij onze namen riep.


Ellen de Jong