Freriks, Philip


Philip Freriks bij SLEE

De geur van Gare du Nord

'Gare du Nord' - Ontmoetingen met Frankrijk, is de inspiratiebron voor het motto van de 69ste Boekenweek, die gehouden wordt van 10 tot en met 20 maart. Ter gelegenheid hiervan gaf uitgeverij Conserve de verhalenbundel 'Gare du Nord' van Philip Freriks
(Utrecht, 1944) uit, die met de gelijknamige voorstelling vanaf 1 maart door het land reist. Op 14 maart om 15.30 uur treedt hij op bij SLEE in Scholen in de Kunst, Coninckstraat 58, Amersfoort. Reserveren, tel. 033 - 4729094.
Freriks kwam voor het eerst op Gare du Nord - een kop-station, waar iedereen uitstapt - toen hij dertien jaar was. Hij begon als zestienjarige middelbare scholier in de journalistiek en droomde toen al van Parijs. Hij werkte als steward op de slaaptrein van Wagon-Lits, studeerde politieke wetenschappen en werd correspondent. Eerst voor Het Parool, later de Volkskrant en het NOS-Journaal. In 1996 werd hij presentator van het Acht Uur-Journaal van de NOS. Freriks schreef eerder 'Ik herinner me…', Theaterteksten en 'De meridiaan van Parijs', een fascinerende zoektocht door de Franse hoofdstad. In 'Garde du Nord' bezingt Freriks zijn geliefd land, stad en station, met altijd weer nieuwe verhalen over aankomst en vertrek, die hij in zijn voorstelling nareist. Maar het bevat ook notities over schrijvers als Verlaine en Fournier en commissaris Maigret, die, als hij op het Gare du Nord is ingedeeld, schrijft:

Duizenden treinen heb ik zien vertrekken.
Duizenden andere heb ik zien aankomen.
Steeds weer hetzelfde gedrang.
Lange rissen mensen die zich haastten.
God weet waarheen.

In het bedrijvige Videocentrum van het Media Park in Hilversum vinden we een rustige plek. Weg van het geroezemoes en de flitsende beeldcultuur. Nu is het woord aan de beurt. Freriks is zoals ik me had voorgesteld. Symphatiek, bedachtzaam zijn zinnen kiezend. Ik was niet van plan het te hebben over zijn versprekingen als nieuwslezer noch over zijn fanclub (inmiddels passé). Toen ik hem dat zei knikte hij: "verstandig."
Wel wilde ik graag horen wat er door Freriks, zoveel jaar geleden, heen ging, toen hij voor het eerst Parijs zag.

Freriks: "Het eerste wat me altijd is bijgebleven is de geur van pis op het Gare du Nord. We kwamen in 1957 uit een keurig aangeharkt Nederland met geschrobde stoepen en als je het station dan binnendendert is dat vooral opwindend maar tegelijkertijd staat de smerigheid je tegen. Ook de chaos in het verkeer met al die rijen auto's naast elkaar zal ik nooit vergeten, al bleek het later een georganiseerde wanorde te zijn. En dan die oude autobussen, veel ouder dan in Nederland, die krakend en steunend hun werk deden."


Wat deed u besluiten toneel te gaan doen?

"Een toevalligheid, al hield ik altijd al veel van theater. Ik werd gevraagd voor een interview op het toneel, maar dat vond ik niet zo leuk, wel een toneelvoorstelling waarvoor ik de tekst zou schrijven en dat werd 'Ik herinner me…'.
Het viel in de smaak bij het publiek en we hebben er toen een bescheiden theatertour van gemaakt. En nu gaan we dus met de reisvertelling 'Gare du Nord' het land in. Ik hoop dat de toeschouwers met ons meereizen en dat verwacht ik."


Helpt uw podiumervaring u bij uw werk als nieuwslezer?

"Het ligt te ver uit elkaar, maar misschien word je iets vrijer, dat kan. Maar het zijn toch twee verschillende grootheden en wegen die maar even parallel lopen. Of presenteren een vorm van acteren is? Dat is wel een beetje zo, maar een show kun je toch niet staan geven."



Wat herinnert u zich uit 'Ik herinner me…'?

"Het leukste is als het publiek sommige zinnen zelf afmaakt. Als ik zeg: ik herinner me dat de treinen op tijd reden: vlug, veilig, dan reageren mensen met: en voordelig. Chief Whip: op ieders lip. Dat zijn grappige dingen. Wat ik geleerd heb in het theater en ook spannend vind is dat je moet leren dat stilte niet betekent dat mensen tegen je zijn of het niet interessant vinden. Stilte is iets heel moois, alleen als je zo onervaren bent als ik is ze in het begin angstaanjagend. Je denkt: o, jee, dit gaat mis, terwijl ik nu weet dat mensen aan je lippen hangen. Wat is er nou mooier?"

Ellen de Jong