Durlacher, Jessica


Jessica Durlacher bij SLEE
Het verleden draag je nu eenmaal met je mee


Op 19 mei om 15.30 uur is schrijfster Jessica Durlacher te gast bij SLEE. Ze wordt geïnterviewd door Margreet den Hertog. Locatie: Scholen in de Kunst, Coninckstraat 58 in Amersfoort. Reserveren: 033 - 4729094.

Jessica Durlacher (Amsterdam, 1961) studeerde Nederlandse Taal- en Letterkunde en was journaliste voor onder meer HP- De Tijd. Ze is de dochter van de in 1996 overleden Gerard Durlacher, die bekend werd met zijn boek 'Strepen aan de hemel' en 'Drenkeling'. Hij overleefde Westerbork, Theresienstadt en Auschwitz. Jessica Durlacher is getrouwd met schrijver, regisseur Leon de Winter en heeft twee kinderen. Ze debuteerde in 1997 met 'Het Geweten', waarvoor ze in 1998 de Debutantenprijs ontving, in 2000 volgde 'De dochter' (Beide uitgegeven bij De Bezige Bij).
De beladen erfenis van het verleden voor de joodse naoorlogse generatie is het thema van Durlachers romans. Er komen vraagstukken als schuld en verraad, goed en fout, en joodse identiteit aan de orde. Durlacher ging met De Winter mee naar Amerika en schreef daar in eenzaamheid haar boeken. Ze kwam met dochterje Moon naar de eerste klas Restauratie in Amsterdam. Moeder blond, met lichte ogen, dochter-lief à la vader, donker uiterlijk.




Jessica vertelde dat ze zo'n twintig jaar was toen ze haar vaders boeken las; daarvoor al in manuscript vorm. Jessica: "Zijn eerste boek 'Strepen aan de hemel' begon als een serie artikelen in de vorm van recensies. Het waren reacties op historische gebeurtenissen die hij staafde aan zijn eigen herinneringen. En wij kinderen (Jessica heeft nog twee zussen) lazen die stukken, die aanvankelijk bij De Gids verschenen, met grote aandacht. Ik vermoed wel dat ik in die begintijd degene was die er het meeste met hem over praatte, misschien ook wel omdat ik net met een literatuurstudie begonnen was, de oudste in het gezin en altijd al betrokken bij zijn voorgeschiedenis. Ik weet het niet."

Een jaar na zijn dood verscheen 'Het geweten'.

"Ik was er al eerder mee bezig maar toen pas besefte ik eigenlijk waar dat boek echt over ging en durfde ik ermee door te gaan. Het geplande verhaal veranderde door zijn dood, afgezien daarvan gaat het over het bestaansrecht van de generatie die de oorlog niet heeft meegemaakt. Het hele boek schreeuwt dat uit: het overbewustzijn van het verleden en op het moment dat dat nog zeer levend aanwezig is, heb je eigenlijk niets om over te praten, want het is te groot, te serieus en te werkelijk. Mijn verhaal steekt daar op een bepaalde manier lichtzinnig tegen af. Tegelijkertijd mag het er ook zijn, dat heb ik mezelf leren vertellen, daar zijn mijn beide boeken in zekere zin een uiting van. In die zin ben ik ook geïnspireerd door de Amerikaan Art Spiegelman, die stripverhalen schreef over het oorlogsverleden van zijn vader; dat werden de beroemde boeken Maus I en Maus II, die ik in het Nederlands vertaalde. Zijn distantie van dit ongelooflijk grote, was voor mij een houvast."

Zie je 'De dochter' als een logisch vervolg op 'Het Geweten'?

"Voor mezelf wel. In het eerste boek heb ik leren inzien dat dit mijn thema was, dat het onvermijdelijk bij mij hoorde, in het tweede boek kon ik er meer mee spelen. Ook is het zo dat als je eenmaal een boek af hebt je overal verhalen ziet en ik ben natuurlijk op een bepaalde manier getekend, heb een zekere kijk op de wereld en zag toen in een paar mensen die ik ontmoette een verhaal. Dat leidde tot 'De dochter', dat daarmee ook een meer gestructureerde roman werd dan 'Het Geweten'."

Had je vader de openhartigheid van je boeken aangekund?

"Ik hoop het wel. Hij had veel vertrouwen in mijn schrijven en wilde ook graag dat ik het deed en voelde op zijn klompen aan dat ik over die bepaalde onderwerpen zou schrijven. Daarom heb ik 'Het Geweten' ook aan hem opgedragen, opdat hij het goed zou hebben gevonden. En in de hoop dat hij het had kunnen verdragen."

Blijft de oorlog altijd een deel van je leven?

"Dat blijft het. Ik was voordat ik met mijn eerste boek begon reeds een beetje doorgedesemd in de materie, had me er al jaren mee bezig gehouden, had er mijn positie toe bepaald en daarom kon ik het boek ook schrijven. Het is niet zo dat ik er uit ben gekomen door het schrijven ervan, hoewel er natuurlijk wel iets met je gebeurt als het af is: je voelt je gezuiverd, al was het alleen maar omdat je iets hebt afgemaakt. Maar dat gevoel is optisch bedrog, het is niet waar, het is nooit weg. Ook bij mijn vader kwam alles, na zes boeken, weer terug. Je denkt dan: nu staat het op papier, nu zal hij een gelukkig, rustig, bevrijd mens zijn. Even leek dat zo omdat hij er zoveel over kon praten, mensen hem opbelden en het helemaal zijn leven werd. Na een tijdje hield dat op en kwam de hele zaak, bijna erger dan daarvoor, weer terug.
Sam Dresden, die onlangs de P.C. Hooftprijs won, zei dat nog:
het verleden draag je nu eenmaal met je mee, je moet er weg mee weten. Dat geldt ook voor mij."

Ellen de Jong