Bos, Ben

I K W I L W I J Z E N N A A R D E Z O N


De Breestraat in de binnenstad van Amersfoort is een smalle, knusse straat. Op de blauwe deur met nummer 40 staat BOS met witte letters.
De ruime zolder, vol licht en boeken, ademt rust uit.

Psychosynthese-therapeut Ben Bos (1934) werkt vanaf 1984 zelfstandig. Is stafmedewerker van het Centrum voor Psychosynthese te Utrecht en betrokken bij de opleiding tot psychosynthese-therapeut van dit Centrum. Gaf veel workshops psychosynthese in binnen- en buitenland. Publiceerde onder andere het boek 'Je bent het Zelf, psychosynthese in theorie en praktijk'. Bovendien is hij dichter.

Vriendelijk en ontspannen zit hij in zijn stoel, klaar voor het gesprek.

- Zou je iets over psychosynthese willen vertellen?
"Het is een tamelijk jonge tak aan de boom psychologie. Psychosynthese zegt: Ik heb een ziel en daarin is een licht dat oneindig is. Dat heb ik ook gezien bij het sterfproces van mijn vader."

Bos' onlangs verschenen dichtbundel 'Mijn taal staat stil' onstond bij en na het sterven van de oude vader van de dichter.
Ben Bos werd bij dit proces - waarin hij de stervende begeleidde - geplaatst in het onherroepelijk wegebben van tijd. Tijdsindelingen vallen af voor de tijdloosheid, die het bewustzijn binnen komt met ontroerende en schokkende kracht. Het sterven leidt zo naar de wezenlijke kern: Eeuwigheid.

"De dood bestaat niet, sterven wel. Terwijl we leven moeten we
leren te sterven. Dat betekent: loslaten. En kiezen: Wil ik me verliezen in de uiterlijke wereld of contact maken met m'n innerlijke wereld. Kies ik voor 't laatste dan ben ik verplicht aan mezelf om keuzes te maken.
Als ik mezelf wil worden, moet ik mijn opvoeding te boven komen. Ik zal mijn conditionering moeten verbreken. Mijn eigen waarden leren kennen. Psychosynthese zegt: Ik heb een lichaam, ik heb gevoelens en ik heb mijn denken, maar daarmee is de kous niet af. Ik heb ook een ziel,' een hoger
zelf' wordt dat genoemd in de psychosynthese en dat is een oneindige bron van licht.
Als ik me teveel opsluit in mijn denken, gevoel, lichaamsenergie verlies ik het contact met m'n ziel.
Toen ik mijn vader begeleidde bij het sterven, een half jaar lang, werd ik gedwongen mezelf te bezinnen op de vraag wat er waardevol is in mijn bestaan en wie ik eigenlijk ben.
Ik zag hoe mijn vader overal uittrok, uit zijn bezittingen, uit wat hij allemaal gezegd en gedaan had. Ook uit de kostbaarste verbindingen, vrouw en kinderen. Niets kon hij vasthouden."

Ben Bos verwoordt dat schitterend in deze dichtregels :

werkhanden liggen onmachtig op de deken
je vaart de haven uit

ik weet niet wie ik ben
mijn taal staat stil

de vis springt
kringen verwijden het water

je meldt: ik reis in mijn bed over bergen
de zee zonder bakens
weerglanst vuurtorenlicht

de bomen hebben kale takken
geen blad te zien
het kruis slaat de hemel

Hij vervolgde:
"Maar dan komt het wezen boven. Er blijft geen leegte achter. Nee, hij werd wezenlijk zichzelf. Daar kwam een licht in zijn ogen te voorschijn dat ik nog nooit gezien heb. Ik zag in dat: Als ik me in mijn leven opsluit in wat ik heb, is de dood vreselijk, want die pakt me dat allemaal af. Maar als ik mezelf tot uitdrukking breng in wat ik heb, de verbinding met mijn ziel tot uitdrukking breng in lichaam, gevoelens en denken, hoef ik ook niet meer bang te zijn voor de dood.
Het gaat er in het menselijk bestaan om de buitenwereld te gebruiken om je binnenwereld tot uitdrukking te brengen. En dan is er ook geen toeval meer. Alles wat me gebeurt biedt me dan de mogelijkheid wijs, dat is mezelf, te worden. Dan heb ik geen vijanden meer, want ik weet dat de ander ook niets kan vasthouden in dit leven. Dat wij verbonden zijn in hetzelfde levenslot.
Als het loslaten in het stervensproces het eindpunt heeft bereikt vertrekt de ziel naar het oneindige. Ofwel: De eigenaar vertrekt en laat het lichaam met zijn verstand, gevoel en denken als een oude jas achter."

- Wat probeer je bij je patiënten te bereiken?
"Er komen mensen bij mij die vastgelopen zijn. Pijnen, angsten, boosheden die ze niet mochten uiten veroorzaken blokkades. Ben je langdurig geblokkeerd dan word je ziek.
Ik schep voorwaarden zodat mijn patiënten het blok doorwerken. Daarna komt er weer energie vrij en krijgen ze zin in het leven, want dat hadden ze vaak niet meer.
Ik wil ook laten zien dat elk mens veel kwaliteiten heeft en in feite van binnen een koningskind is. Veel mensen zijn in deze geseculariseerde wereld helaas hun ziel kwijtgeraakt. Ik stel ze in de gelegenheid hun verborgen ziel terug te vinden.
Ik vergelijk mensen soms met paarden die al te lang voor een zware kar hebben gelopen, met de zweep kregen en maar door moesten tot ze niet meer konden. Dan komen ze bij mij met zweet op hun rug. Mensen die in therapie durven komen, vind ik moedig. Daar heb ik respect voor."

- Je hebt gedichtenbundels geschreven, waaronder: 'Cirkelen in het licht' (1986), gedichten in de haiku vorm die geïnspireerd zijn door bergwandelingen in Noorwegen, Duitsland, Zwitserland en Spanje.
'Tegendelen voorbij' (1987) is ontstaan vanuit bewogenheid, losgemaakt door boeddhabeelden, fresco's en het mediteren over ikonen.
'Door de zeef heen' (1989) bevat liefdesgedichten. Liefde is de
toegangsdeur tot het grote geheel en liefde is de ander als uniek ervaren.
En in 1991 'Mijn taal staat stil'.
Wanneer ben je met dichten begonnen?
"Ik heb altijd geschreven. Toen ik veertien jaar was schreef ik dagboekaantekeningen en later gedichten. Aan Willem Hussem, die dichter en beeldhouwer in Den Haag was, heb ik veel gehad.
We praatten vaak over poëzie en hij heeft mij geleerd dat een beeld vereenvoudigd helder moet zijn. Niet ingewikkeld duister. Ik vraag van een dichter niet alleen dat hij mooie en goede poëzie schrijft, maar dat hij een verwerkt ervaringsgebied aanreikt. Zoals ik dat vind bij Hans Andreus en Ida Gerhardt.
Je weet dat mijn dichtbundels bij De Beuk in Amsterdam zijn uitgegeven. Ik kwam met uitgever Wim Simons in contact. En weet je wat ik nu zo geweldig vind - zijn heldere ogen vlamden op - dat hij iets doet wat helemaal niet kan, vele bundels per jaar uitgeven.
Ik houd van zulke mensen. Het is een idealisme dat op de grond staat, dat is psychosynthetisch, daar heb ik respect voor.
Wim Simons heeft een eigen lezersbestand opgebouwd aan wie hij poëzie verkoopt. Want je verkoopt 't natuurlijk niet aan onze massapulp-cultuur.
Poëzie bezwijkt in onze gemassificeerde informatiemaatschappij."

- Wat houdt een gedicht schrijven voor je in?
"Poëzie is de eerste taal die na de stilte komt. Het wezen van ons ligt in de stilte. Daaruit komt poëzie, dan het vertellen, het beweren, de wetenschappelijke bewijsvoering en daarna de dogmatiek. Als je bij het laatste bent aangekomen ga je de verstarring in. Dan is het wijs om de pendel weer de andere kant uit te laten gaan. Als je niet pendelt uit je zekerheden vandaan naar de stilte toe dan ga je jezelf beperken in de verbindingen. Daar kun je ziek van worden. Heb je de moed een zekerheid los te laten dan gaan de grote verbindingen lopen en kan je terug naar poëtisch taalgebruik en vandaar uit naar de stilte."

Zijn verhaal was me volkomen duidelijk. We spraken dezelfde taal.

"Poezie wordt niet gelezen, omdat onze cultuur bang is voor de stilte. Wij hebben een cultuur van bermtoerisme."

Er was geen speld tussen te krijgen.

"Een schitterend voorbeeld van zingeving en poëzie is de Spaanse
mysticus Joannes van het Kruis uit de zestiende eeuw. De grootste lyricus die Spanje ooit gehad heeft. Hij bezong in zijn poëzie wat niet gezegd kan worden, namelijk de verbinding met het eeuwige: hij noemt dat God. Poëzie is een zingende vorm van stilte. De werkelijke verbinding met God is niet uit te spreken volgens hem. Daar houd ik van. Dat betekent dat hij zich niet opsluit in zijn poëzie, zijn geloof, zijn taal, zijn begrip.
Ik weiger eveneens me op te sluiten in wat ik schrijf.

Het thema van mijn poëzie is: ervaringen doorzichtig maken voor het oneindige licht. Poëzie zit op 't grensvlak van stilte en woord en is eigenlijk een prachtige taal waar de stilte nog net doorheen komt.
Vroeger heb ik breed geschreven. Later ben ik gaan schrappen, het gaat immers om de essentie.
Er zit twee jaar werk in zo'n bundel. Die tijd had ik nodig.
Ik ben bewuster geworden van mezelf. Kon ook beter zien wie mijn vader was:

vergeelde foto's
tonen je als jonge man

je loopt in de herestraat
zonder auto's met tramrail

je zit op het terras
achter een glas bier
tussen twee vrouwen

je hangt in de zeilboot
aan het touw van de mast
schuin achterover
vlak boven water

je houdt de hand vast
van een klein jongetje
met mijn gezicht

wanneer ik gestorven ben
bekijkt mijn zoon
zijn fotoboek
ziet hij zijn vader
wandelen met hem
gekiekt in zonlicht

"Een mens is mooi door het licht in zijn ogen", zei hij bezield.
De onzin van onze cultuur, dat mannen en vrouwen moeten
beantwoorden aan bepaalde schoonheidsidealen, is daarom onecht."

- Je poëzie heeft geen bepaalde stijl.
"Ik stap niet in een stijl. Dan verlies ik mijn vrije toegang naar de stilte. Ik kies voor het vrije vers."

- Waarom dan wel je bundel met haiku's ?
"De haiku dwingt me door de vorm volledig naar de essentie te gaan. Je moet "het" in drie regels gezegd hebben. Ik kan geen kant uit in dat vers. De vorm dwingt me mijn ik af te leggen, ik moet afsterven aan mijn ik.

Samen met mijn vrouw heb ik een bundel haiku's geschreven. Ligt klaar. Zijn we ruim twee jaar mee bezig geweest. We zijn allebei beeldgevoelig. In de Japanse cultuur schreven de mensen overigens ook haiku's met meerdere mensen. Maar samen kan alleen als we gevoelig zijn voor het grote geheel. Als iemand niet gevoelig is voor het groter geheel zeg ik: ga maar eens naar de Hoge Veluwe 's nachts en ga de duisternis in. En wacht tot het ochtend wordt. Je zal dan zien dat bij het opgaan van de zon de wereld totaal van aanschijn verandert. En dat is in een mens ook zo. Maar we durven niet meer alleen 's nachts buiten te zijn en onze eigen duisternis tegen te komen. Het moet echter wel, om weer lichtgevoelig te worden."

- Je hebt geen boodschap?
"Nee, dan ga ik naar Albert Heijn. Ik wil wijzen naar de zon en als de mensen die zien, veranderen ze.
De wet van de grote samenhang tracht ik in mijn poëzie te tonen. Dat jij en ik meer overeenkomsten hebben dan verschillen. Daar leg ik de nadruk op.

Psychosynthese is: de verschillen wel respecteren maar ze overstijgen, héél en al maken. En: Poëzie is niet bang zijn voor pijn en eenzaamheid. Want je bent alléén in het schrijven, maar ook al-één: Het geheel zit al in mij; ik trek me daarvoor terug uit de veelheid en kom zo bij en in de alléénheid: Het licht.



Ellen de Jong - de Wilde, september 2004

---------------------------------------------

Ben Bos stierf 25 augustus 2006,
72 jaren is hij geworden.