Crutzen, Carine 2011

DE KUS



‘De kus’ in de Flint in Amersfoort


 


Carine Crutzen: ‘Het is mooi als mensen dingen in hun fantasie afmaken’


 


Een man wandelt door de natuur, hij moet nadenken, een verbindend idee ontwikkelen voor een cabaretprogramma. Of moet hij de losse eindjes van zijn leven aan elkaar knopen? Een vrouw wandelt door de natuur, deze dag wordt er een vonnis over haar geveld, en iets van binnen zegt haar dat het zal helpen als ze dat te voet tegemoet gaat. Deze dolende zielen treffen elkaar en besluiten hun tocht gezamenlijk voort te zetten. Volkomen verschillend zijn ze, de cabaretier, de apothekares-in-ruste. Hun karakters botsen, hun meningen zijn tegengesteld, hun levensfilosofie kon niet méér verschillen. Toch komt het onwaarschijnlijke koppel steeds dichter bij elkaar. In de enkele uren van hun samenzijn doorlopen ze alle fases van een liefdesrelatie. Met een hartverscheurend slot.


Huub Stapel speelt de rol van de man, Carine Crutzen die van de vrouw: ‘Iedere rol vraagt zijn specifieke dingen, dit keer is dat het realisme van het stuk. Het vraagt een benadering van echtheid. Dat is natuurlijk met iedere rol zo, je moet altijd geloven dat die persoon die er staat echt is. In ‘De kus’ moeten mensen geloven dat er weinig tussen de rol zit en de personages die het spelen. Je laat het dus heel dichtbij komen. Mensen zeggen ook vaak: het lijkt zo echt. Het is natuurlijk nooit zo dat je bent wie je speelt, maar je neemt wel alle eigenschappen van jezelf mee. Het is een tragikomedie dus je moet mensen kunnen laten lachen maar op een gegeven moment willen we ze ook weer stil krijgen voor de ernst die in het stuk zit. En die komt dan ook hard aan. Mensen moeten hard lachen en zijn daarna gegrepen, ontroerd en stil. In de voorstelling gaat het over een ontmoeting van twee mensen in een bos die elkaar niet kennen. De man wandelt achter de vrouw aan die op een bankje zit. Hij wil ook op dat bankje zitten en dat is natuurlijk eigenaardig, want waarom komt hij nu speciaal naast mij zitten. Waarom loopt hij niet door. In het begin ontstaat er een soort wantrouwen bij de vrouw en door de gebeurtenissen - ze komen elkaar weer tegen op een wonderlijke manier - en door wat zich daar ontspint komen ze steeds dichter bij elkaar ondanks het feit dat het twee totaal verschillende karakters zijn. De toeschouwer maakt de wandeling mee van die mensen die anderhalf uur duurt, in het echte leven zou die drie uur duren. Eigenlijk is het een liefde van anderhalf uur. Alle elementen die je in een liefdesrelatie kunt hebben, komen voorbij. Na die wandeling gaan ze weer hun eigen weg maar in beider levens is iets gebeurd dat ze nooit meer zullen vergeten. Mensen zeggen vaak na afloop (het verrassende slot verklap ik niet): hoe zou het toch verder gaan met die twee, we zouden het zo graag willen weten. Hoe is nu toch met die vrouw afgelopen in het ziekenhuis, want daar is ze naar op weg, en hoe heette ze eigenlijk, want je komt de namen niet te weten. Het is mooi als mensen in hun fantasie dingen afmaken. Het is geen afgerond, maar wel een mooi einde vind ik. Tekstschrijver en regisseur Ger Thijs heeft een sterk evenwicht tussen humor en tragiek gevonden en dat is lastig. Hij heeft dat meesterlijk gedaan. In zijn stukken zit vaak een deel weemoed en dat zit ook in ‘De kus’. Er zit veel gevoel in. Sommige stukken kunnen heel cerebraal zijn, maar dit is vanuit emoties geschreven en daarin herkennen mensen zich. Vanuit de onlogica van een normaal gesprek, gesprekken verlopen meestal niet logisch. En dat is ook in deze voorstelling het geval en het is heel moeilijk om dat in een stuk voor elkaar te krijgen. Daarom wordt het zo herkenbaar, dat merken we ook aan de reacties in de zaal, zo van: ach, dat heb ik ook of een dergelijk relatie of een dergelijk man heb ik ook. Maar het wordt nergens sentimenteel, wel zoals ik al zei: gevoelig.’       


 


Ellen de Jong           


 


1 mei 2011 om 20.15 uur


 


Conickstraat 60


Reserveren 033- 4229229