Schluter, Ariane

Het gaat altijd om het hoe

Dichter Willem Jan Otten maakte zijn toneeldebuut met 'Een sneeuw' in 1983. In een productie van Het Toneel Speelt komt hij nu met 'Braambos'. Regie: Willem van de Sande Bakhuyzen, spel: Frank Lammers, Jaap Spijkers, Kees Boot, Hans Ligtvoet, Thekla Reuten en Ariane Schluter. Op 16 en 17 februari in Stadsschouwburg Utrecht.
Ariane Schluter speelt Guusje, het tweelingzusje van Lena, die na een gruwelijke verkrachting vijftien jaar niet sprak en vervolgens zelfmoord pleegde toen de misdaad verjaard was. Guusje voelt zich schuldig aan wat haar zusje is overkomen.
De misdadiger doemt plotseling op, denkt dat hij zijn slachtoffer ontmoet en vraagt om vergeving. Dat gebeurt in het atelier van een kunstenaar die bezig is de kruisiging van Jezus op het doek te vereeuwigen. De schilder is een jeugdvriend van de zusjes en getrouwd met Nana, een vrouw die op een naïeve manier de draden van de drie gekwelde levens aan elkaar knoopt. Erdoor heen speelt een huisvriend die z'n leven lang waarnemend arts is geweest en bijziend als hij is de dramatische gebeurtenissen vanaf een afstand registreert. De belangrijkste vraag in dit stuk is die naar de mogelijkheid tot vergeven en vergeten.Terwijl de misdadiger om vergeving vraagt is er bij de anderen een onvermogen tot vergeving en een allesverterende wraaklust.

Schluter is onlangs achtendertig jaar geworden. Het is haar niet aan te zien. Ze heeft een jong, levendig gezicht met verstandige, groene ogen. Een resolute, donkere stem, die toch helder opklinkt. Een mosgroene blouson omsluit haar ranke figuur.

Een zware thematiek in een universeel toneeldrama.

'De oude Grieken hebben ook geen lichte thema's in hun tragedies, maar het gaat altijd om het hoe, niet om het wat. Het zijn grote conflictueuze situaties maar door het thrillerachtige wat Otten erin bracht, met een geluidsdecor en de tune van opvliegende zwanen, is de voorstelling spannend om te volgen. We hebben niet gehoord dat het te lang duurt of te zwaar is. Oorspronkelijk zat er een pauze in maar die hebben we eruit gehaald en dat is goed geweest omdat het nu meer een stroom is waardoor je als toeschouwer in een roes raakt.'

Het stuk heeft een Evangelische strekking.

'Ik ben zelf niet gelovig opgevoed al heb ik wel bijbelkennis maar het Braambos is letterlijk de plaats waar het huis staat. Als je er een Christelijke teneur aan wilt geven is dat goed maar het hoeft niet. Wat ik het mooie vind in de Bijbelse betekenis van het woord Braambos is dat Mozes een teken van God krijgt, dat hij moet luisteren naar iets in zijn leven wat hem op een ander spoor zal brengen. Dat geldt ook voor Guusje, zij is eveneens op een doodlopend pad terechtgekomen in haar verkrampte bestaan. Ze leeft slechts in woede en wrok over wat haar zus is aangedaan en met de verschijning van de dader biedt dat haar - omdat hij om vergeving vraagt - een mogelijkheid op een andere manier om te gaan met datgene wat haar altijd heeft gestagneerd in haar ontwikkeling.'

Heeft lijden zin?

'Otten stelt Guusje tegenover Nana, de vrouw van de kunstenaar. Zij zegt dat lijden wel degelijk zin heeft en dat je er zelfs verder mee kunt komen. Maar volgens Guusje is lijden zinloos. Het enige dat je kunt doen is het een plek te geven zodat je daardoor misschien op een betere manier vooruit kunt. Otten beschrijft beide kanten even goed.'

Schluter vindt het een moeilijke rol: 'Otten schrijft heel monologiserend en bewandelt ook nog eens allerlei wegen die je niet zo simpel kunt volgen en daardoor was het lastig de vinger te leggen op het wezen van Guusje. Ze zat in een toestand van verkramptheid en woede en hoe dat vorm te geven, daar heb ik lang naar gezocht. Daarom ging ik telkens terug naar haar taal, na lang zwijgen is er ineens een eruptie van woede, cynisme of schamperte en eindigt het vaak met een soort verdriet, waarna ze weer op slot gaat. Ik heb geprobeerd het in extremen te zoeken.'

Het specifieke van Otten.


'Zijn dichterlijk taalgebruik, hoe hij teksten indeelt en ophakt in fragmenten. Hij heeft een aantal ongelooflijk mooie zinnen; Guusje zegt op een gegeven ogenblik tegen de schilder:
wist je hoe mooi je was als je aan het durven bent, Hajo? Zo'n regel roept werelden op. Hij heeft meer van die verfijnde zinsconstructies waaraan je voelt dat hij een dichter is.'

Ellen de Jong

Informatie www.hettoneelspeelt.nl